|
|
Wo, 14 april 1993 |
![]() |
|
Aan de pier liggen nog meer boten (kruisers, onderzeeboten, replica's van Columbus'Santa Maria en de Pinto), maar die bezoeken we niet. Op een zijterrein staan tanks en zo, onder anderen een T 72 die op Irak is buitgemaakt tijdens de Golfoorlog. Langs de 45e Street lopen we weer de stad in tot Tenth Avenue, in een griezelige buurt.We voelen ons er niet op ons gemak. We stappen op de bus. Bij een van de haltes staat een invalide met een rolstoel die mee wil. De chauffeur gaat naar achteren en tovert een compleet bewegend platform te voorschijn, waarop de rolstoeler de bus in getransporteerd wordt. Over hulp aan de gehandicapte medemens gesproken!
Bij de Cathedral of Saint John the Divine stappen we uit, op de 110e Str. Alweer, een enorm, gotisch gebouw, in Amerika moet alles "big" zijn. Het is nog lang niet af. In de zijbeuken worden exposities gehouden, verder staan er typisch Amerikaanse monumenten, bijvoorbeeld voor de omgekomen brandweerlieden van N.Y. Fire Department, een soort Aids‑memorial en een gedenkteken voor de gruweldaden in Auschwitz. Buiten de kerk zijn jonge zwarte en bruine steenhouwers bezig. Bedelaars zijn er ook, immers om de hoek begint de wijk Harlem. Het is lunchtijd. In een restaurant vol studerende jongelui, ook de Columbia ‑ University is nabij, eten we taart en drinken koffie.
![]() |
|
Een volgende bus brengt ons dwars door Harlem. We geven onze ogen goed de kost. Het valt eigenlijk nogal mee, de mensen zijn er redelijk goed gekleed. Veel straathandel en kleine neringdoenden in allerlei pandjes. In het noordelijke gedeelte ziet men ineens weer meer blanke gezichten, maar hier overheerst toch de Spaanstalige bevolking: zwarte Puorto Ricanen, bruine Middenamerikanen. Als de bus op het einde van het traject bij het kloostermuseum Cloisters stopt zitten er nog 8 witte personen in; het blijken allen toeristen met culturele belangstelling te zijn. Vooral Fransen dus.

|
|
CLOISTERSCloisters is een conglomeraat van oude, middeleeuwse kloosterfragmenten en is magnifiek gelegen hoog op een rots aan de oevers van de hier 2 km brede Hudson‑rivier. In de verte kun je de George Washington hangbrug naar New Jersey zien liggen.Het is een prachtig klooster, goed en stevig geconstrueerd en geconserveerd, met zeldzame museumstukken en kunstschatten (o.a. gobelins, schilderijen, houtsnijwerk, gouden voorwerpen en miniaturen) die in authentieke kelders, gewelven, kapellen liggen tentoongesteld. Er hangt een zeer speciale sfeer, als uit lang vervlogen tijden. Naast het klooster ligt nog een mooi park, het Tyron Fort Park met een soort hangende tuinen en pauwen en rotspartijen. |
Met de bus weer terug. Het duurt een uur. In Harlem en wel in het hartje ervan moeten we overstappen. We zijn de enige witten in de bus. Als de chauffeur ons over de microfoon waarschuwt draaien al die zwarte gezichten zich verbaasd naar ons om. Wat nou, blanken in de bus? En stappen die ook nog in Harlem uit? Klopt, dat is niet alledaags hier. In de vroege avond verkennen we de omgeving van het Grand Central Terminal, het grootste spoorwegstation van de city. Het heeft een van de grootste hallen ter wereld en de stationsklok is beroemd van radio en televisie. Het is net spitsuur, dus de forenzen haasten zich naar hun treinen met bestemming Yonkers en Long Island en andere suburbs. In de buurt bezoeken we nog enkele andere gebouwen: het Helmsley Building, het voormalige Panam‑gebouw (nu tot MetLife Building omgedoopt) en winkelgalerijen in de dure Park Avenue‑setting.
![]() |
![]() |
Om half acht zijn we terug in het hotel. Lekkere gerechten uitzoeken bij onze Koreaan, een sixpack cool beer inslaan, een kort ommetje en dan zijn we weer op onze kamer. Daar houden we ons verder onledig met kanaalzwemmen op de t.v.: ABC heeft Cheers in de aanbieding, Fox Channel doet aan andere series en soaps, NBC covert baseball‑games (honkbal dus en niet basketball...) en CNN tenslotte voorziet ons van het laatste world news en wel live.