|
|
SEGOVIA
SEGOVIA / 40.000 inwoners.
Op de noordhelling van de Sierra de Guadarrama l|gt Segovia op een bijna 100 m hoge heuvel, waar de riviertjes de Eresma en de Cl a mores om heenstromen; Segovla is provlnclehoofdstad en bisschopszetel. Door de talloze middeleeuwse bouwwerken en het unieke Romeinse aquaduct heeft het een schilderachtige aanblik.
Geschiedenis. - Als stichting van de Iberiërs had de stad vele eeuwen lang een grote betekenis. Onder de Romeinen werd Segovia het ontmoetingspunt van twee heerbanen. In die tijd werd het aquaduct gebouwd. Na de Westgotische en Arabische overheersing begon onder de Castiliaanse graven een nieuwe bloeitijd en Segovia werd lange tijd de favoriete verblijfplaats van de Castiliaanse koningen. In 1474 werd Isabella de Katholieke hier tot koningin van Castilië uitgeroepen. Onder het geslacht Trastamara was de stad nog steeds zeer belangrijk; na een korte periode van verval kreeg de stad met de Bourbons in de 18de eeuw weer een nieuwe impuls; vele kunstenaars hebben Segovia bezongen.
BEZIENSWAARDIGHEDEN. - Om de heuvel lopen nog de bijna geheel intact gebleven oude stadsmuren met Iberische fundamenten, Romeinse toevoegingen en restauraties uit de 11de/12de eeuw; met 86 halfronde torens ('cubos') en drie imposante poorten.
Over het plein El Azoguejo loop het Romeinse aquaduct, een indrukwekkend bouwwerk uit de Romeinse tijd, gebouwd ten tijde van keizer Trajanus aan het eind van de 1ste eeuw n. Chr.; met de muren van Tarragona is dit het grootste Romeinse overblijfsel in Spanje, dat nog intact is gebleven. Een 17 km lange waterleiding, die ook tegenwoordig nog uit de Sierra de Fuenfria komt, kruist het diepe dal met de voorsteden en voert tot aan het hoger gelegen stadsgedeelte waar zij onder de aarde bij de Alcázar eindigt. Het aquaduct bestaat uit 118 bogen van granieten vierhoekige steenblokken zonder mortel en zonder haken gebouwd, van 7 tot 28,5 m hoogte, en is in totaal 818 m lang.
Van de Plaza del Azoguejo komt men in noordoostelijke richting bij het hoger gelegen stadsgedeelte; bij de Plaza Colmenares de voorm. kerk San Juan de los Caballeros, vroeger begraafplaats van adellijke families van Segovia, nu Museo Zuloaga, met werken van de schilder Ignacio Zuloaga en de keramist Daniel Zuloaga. Aan de Calle San Agustin nog het Museo Provincial, met schilderijen en drukgrafiek.
Van de Azoguejo door de Calle Cervantes eerst naar het Casa de los Picos, het voorm. paleis van Pedro Lopéz de Ayala (15de eeuw), genoemd naar de gefacetteerde steenblokken; van het terras van het gebouw uitzicht over de Sierra de Guadarrama. Verder door de Calle Juan Bravo: aan de rechterhand naar een over trappen oplopend schilderachtig plein met twee zeemeerminnen en de Torreon de los Lozoya (16de eeuw); hierlangs naar de Romaanse kerk San Martin uit de 12de eeuw, aan de zuid- en westkant met Romaanse zuilenhal, bovendien een rijk museum met schilderijen, sculpturen en barokaltaren. Niet ver ten westen, buiten de stadsmuren, de promenade Paseo del Sal6n, met mooi uitzicht.
Van de Martinskerk in noordwestelijke richting, langs het Convento Corpus Cristi, naar de Plaza Mayor (officieel Plaza del General Franco), het centrum van de oude stad, met VVV - kantoor; noordkant met eenvoudig Ayuntamiento (stadhuis; 17de eeuw), zuidoostkant met de in 1558 voltooide gotische kerk San Miguel, binnenin interessant hoofdaltaar (1572) en grafmonumenten.
Op het hoogste punt van de stad staat de kathedraal, een laat-gotische basilica, van 1525-93 door Juan en Rodrigo Gil de Hontanon gebouwd, door de afwisselende structuur en de 100 m hoge klokkentoren (1558) een zeer indrukwekkend bouwwerk.
De kathedraal heeft een zeer ruim interieur (105 m lang), met een rijk sterrengewelf, kleurrijke glasschilderingen en interessante beeldhouwwerken en altaren. Marmeren hoogaltaar met ivoren madonna 'Virgen de la Paz' (14de eeuw). Rechts van de kooromgang de Capilla del Santisimo Sacramento met waardevol altaar. In de linker zijbeuk (5de kapel), de Capilla de la Piedad met een houten sculptuur in kleuren de 'Bewening van Christus', van Juan de Juni (1571). In de tegenoverliggende Capilla del Consuelo een rijk portaal en sarafmonument vSSn de bisschoppen Raimundo de Losana (1249-59) en Diego de Covarrubias (1564-77).
Van de Capilla del Consuelo komt men bij de kruisgang (claustro), die gebouwd werd van 152440, grotendeels met het materiaal van de kruisgang van de oude kathedraal die bij de Alcazar stond en in de 16de eeuw werd verwoest; beide architecten van de kerk, Rodrigo en Gil de Hontahon liggen hier begraven. In de zuidwesthoek het graf van Maria de Salto, een jodin die ten onrechte van overspel was beschuldigd, maar door persoonlijk ingrijpen van de H.Maagd van vervolging werd vrijgesteld. In de aan de kruisgang grenzende vertrekken en ook op een trap hoger in het archief, bevindt zich het bezienswaardige museum Museo Catedralicio (diocesane museum); hier zijn Vlaamse tapijten in de kapittelzaal te zien, evenals de Artesonado aldaar, een aantal miniaturen, incunabelen of wiegedrukken, gedrukte boeken uit de periode 1450-1500, liturgische gewaden, en een aantal belangrijke schilderijen, waaronder De evangelisten door Ribera. Zoals u wellicht weet slaat de uitdrukking miniatuur niet op het formaat van de verluchte manuscripten, maar op het gebruik van de rode verf, menie genaamd.
Men volgt van de Plaza Catedral in noordwestelijke richting de Calle Marqués, del Arco, langs de Romaanse kerk San Andrés (12de eeuw) door de Calle de Daoiz naar de Plaza del Alcázar, met mooi uitzicht. De Alcázar, gelegen op een steile uitstekende rots tussen de Eresma en de Clamores, die hier samenkomen, is een voortreffelijk voorbeeld van een Oud-Castiliaanse burcht; in de 12de eeuw gebouwd en later met prachtige decoraties uitgebreid. De Torre de Juan II in het oosten, omgeven door tien halfronde cubos, met uitzicht over de stad en de Sierra de Guadarrama, en de Torre de Homenaje in het westen zijn 14de-eeuws. In het bezienswaardige interieur van de burcht twee binnenhoven, een terras met uitzicht en kunsthistorisch ingerichte zalen met meubels, gobelins, wapens en wapenrustingen.
Niet ver ten noorden van de kathedraal de Plaza San Esteban met het eenvoudige Palacio Episcopal (Bisschoppelijk paleis) en de Romaanse kerk San Esteban uit de 13de eeuw, beroemd om de hoge toren, die uit zes gedeelten bestaat en in een helm eindigt. Daar vlakbij de Plaza de la Trinidad met de Torre de Hércules en de kerk La Trinidad.
Buiten de stadsmuur. - Van de Plaza del Azoguejo voert de Avenida de Fern;indez Ladreda in zuidwestelijke richting naar de Romaanse kerk San Clemente (13de eeuw), barok interieur, dan verder naar de kerk San Millan, eveneens Romaans, tussen 1111 en 1124 gebouwd en daarmee een van de oudste kerken van de stad, met interessant interieur. Aan de zuidrand van de stad, bij het einde van het aquaduct, ligt het klooster San Antonio Eij Real, een stichting van Hendrik IV (15de eeuw); kerk met een mooi Artesonado-plafond en Vlaamse retabels. Van Azoguejo in noordoostelijke richting komt men bij de voorstad San Lorenzo met de Romaanse kerk San Lorenzo, waarvan de toren een voortreffelijk voorbeeld van de Mudéjarstijl is. In westelijke richting onder de stadsmuur langs naar het klooster Santa Cruz en over de Eresma-brug naar het rechts op een helling gelegen Monasterio El Parral, het in 1459 door Marqués de Villena gestichte hiëronymietenklooster; kerk met prachtig retabel (16de eeuw) en twee albasten grafmonumenten uit 1528.Daartegenover, aan de linkeroever van de Eresma (bij de brug) de oude Munt (Moneda), waar tot 1730 het Spaanse geld werd gemaakt. Verder westelijk van El Parral, te bereiken via de Calle Marqués de Villena staat de kerk Vera Cruz op een heuvel met mooi uitzicht, een voormalige tempelierenkerk, tussen 1208 en 1217 naar het voorbeeld van de grafkerk van Jeruzalem gebouwd (nationaal monument); binnenin wandschilderingen uit de 13de eeuw.
Westelijk naar beneden het Convento de Carmelitas Descalzos, het klooster van de ongeschoeide karmelieten, dat werd gesticht (1588) door de mysticus Johan nes van het Kruis, die hier tijdelijk als prior werkte en als San Juan de la Cruz werd begraven. In de omgeving de bedevaartkerk Virgen de la Fuencisla uit de 17de eeuw.
INFO IN HET DUITS
|