|
Dag 6: donderdag, 18 februari
Om acht uur op. Direct na het ontbijt kaartjes gaan kopen voor de voetbalmatch
Real Madrid - Real Sociedad (uit San Sebastian), de halve finale voor de Spaanse
Beker. Een zitplaats in de tweede ring kostte f 60 en dat vonden wij veel te
duur; daarom kochten we maar staanplaatsen 'a f 16. We liepen via Sol (Algemeen
Dagblad kopen) en de Opera naar het Palacio Real, het Koninklijk Paleis, waar we
om kwart voor elf aankwamen. Daar moesten we, temidden van de Jappen, 25 minuten
wachten voor we met een Engels sprekende vrouwelijke gids mee op rondleiding
konden. Ondertussen hadden we al ansichtkaarten gekocht. We vonden het interieur
bepaald de moeite van het bekijken waard. Om 12.10 uur volgde een snelle
rondleiding door de Bibliotheek: waardevolle manuscripten, muziekinstrumenten,
penningen, porselein, etc. Even voor één uur bezichtigden we tenslotte de
Armería, de wapenkamer die bestond uit een grote zaal vol met o.a. levensgrote
paarden met geharnaste ridders. Om één uur werd de hele zaak met spoed gesloten,
want de siësta moet in ere worden gehouden! Alleen het Prado houdt dan open.
Op het binnenplein maakten we enkele geslaagde foto's, waarna we verder
liepen naar het bekende Plaza de España. Daar in de buurt aten we Russische
salade (koude schotel) met broodjes, calamares en met ei gevulde kroketten. Na
die lunch bezochten we de kerk van de Carmelitessen, die er van buiten uitziet
als een moskee, van binnen is de inrichting erg sober gehouden. We vervolgden
onze route noordwaarts langs een gesloten privé-paleis en een klassiek gebouw
van de Generale Staf, waar we een praatje maakten met een vloeiend Engels
sprekende wachtpost die ons het een en ander uitlegde over de nabij gelegen
paleizen. De man bleek een aantal jaren in Engeland te hebben gewoond.
|
KONINKLIJK PALEIS
Aan de westkant van de Plaza de Oriente staat het Koninklijk
paleis (Palacio Real), voor Philips V van 1738 tot 1764
gebouwd door Giov. Batt. Sacchetti op de plaats van de oude Alcazar
en het in 1734 afgebrande oude paleis, en in 1845 met de zuidwaarts
uitstekende vleugel aangevuld. In de vierkante binnenhof beelden van
de vier in Spanje geboren Romeinse keizers Trajanus, Hadrianus,
Theodosius en Honorius. In het prachtig gedecoreerde interieur zijn
de ca. 2.500 wandtapijten van bijzonder belang, de grootste
collectie naast die van Wenen (vooral Vlaamse werken uit het bezit
van Karel V).
In de noordoosthoek van het kasteel de in 1716 door Philips V
gestichte Koninklijke bibliotheek (300.000 boeken, 4.000
manuscripten en 3.500 kaarten).
Tussen de beide zuidvleugels van het kasteel ligt de Plaza de Armas,
waar men vanaf de bogengaanderij een mooi uitzicht heeft op de
paleistuinen, de Manzanaresvlakte en het Guadarrama Gebergte.De zuidwestelijke zijvleugel van het kasteel bevat de Armería, de
door Karel V gestichte wereldberoemde wapencollectie van de Spaanse
koningen, met vele meesterstukken van wapensmeden uit verschillende
landen.Zuidelijk tegenover de Plaza de Armas staat de Catedral de Nuestra
Senora de Ia Almudena, met twee torens en classicistische façade,
waar sinds 1895 aan wordt gebouwd. Even ten noorden van het kasteel
ligt het Wagenmuseum (Museo de Carrozas).
Westelijk achter het kasteel strekken de paleistuinen zich uit, tot
aan de Paseo de Ia Virgen del Puerto, na de Moorse belegering van
het Alcazar in 1109 'Campo del Moro' genoemd. |

We zwierven enige tijd van plein naar pleintje: Alonso Martin, Tribunal (waar
Robbert tijdens het kiekjes maken belaagd werd door woest ogende herdershonden
en waar we voor het eerst een Spaanse junkie met een spuit in zijn hand zagen),
de Plaza Dos Mayo (met spelende Chinese kinderen en een bakstenen monument van
de revolutie). Onderweg viel ons op dat er in deze wijk vele hopen hondenpoep op
straat lagen. Jos vond ergens een sjawl die hij meenam, iets wat hij volgens
Robbert niet had moeten doen. Na verloop van tijd kwamen we uit bij de Plaza
Colon. Daar gingen we weer zuidwaarts langs het paleis van Justitie, waar we aan
de gevel het beeld van Vrouwe Justitia misten. In een koffiebar pauzeerden we
een half uurtje, terwijl we ons bezighielden met pils drinken (het was weer warm
weer) en het oplossen van het cryptogram van het Algemeen Dagblad.
Op weg naar Gran Via kwamen we op een bepaalde hoek wel 10 blinden binnen één
minuut tegen: we keken onze ogen uit van verbazing! Ze bleken allemaal bij ONCE
te werken. Het Museum van de dranken was niet wat we ervan hadden verwacht: het
bleek 'n chique en erg dure tent te zijn, met een soort Engelse lounge voor
bedaagde niet onbemiddelde heren. Aan de stamtafel troonde heel opvallend een
miniatuurmannetje (95 cm?) temidden van oude leeftijdsgenoten.
Om 17.00 uur waren we terug in het hotel. Een uur later gingen we opnieuw op
pad. Een half uur lang zochten we vergeefs een eetzaak waar we "platos
combinados" konden bestellen. In arren moede namen we toen maar een Big Mac met
friet in een dure McDonalds vestiging.
Koninklijk Paleis (Madrid,
Spanje)
Het grootste
paleis van West-Europa
Het Palacio Real de Madrid, het Koninklijk
Paleis, is de officiële residentie van de Spaanse koninklijke
familie, hoewel de familie niet hier woont, maar in het Palacio de
la Zarzuela aan de rand van Madrid. Het Koninklijk Paleis wordt
gebruikt voor overheidsfuncties en is gedeeltelijk open voor het
publiek.
Het paleis staat op de plek waar zich ooit een
9e-eeuwse islamitische vesting bevond, gebouwd door Mohammed I, emir
van Córdoba, en het werd later sporadisch gebruikt door de koningen
van Castillië toen de stad in 1085 weer in Spaanse handen viel. In
1561 bracht Filips II het koninklijk hof naar deze plek over. De
vesting maakte in de 16e eeuw plaats voor een kasteel met de naam
het Antigun Alcazar, het Oude Kasteel. Toen dit gebouw in 1734
afbrandde, wilde koning Filips V een nieuw paleis op dezelfde plek,
maar deze keer werd het geheel opgetrokken van natuursteen en
baksteen in plaats van hout om het brandgevaar zoveel mogelijk te
beperken. De bouw begon in 1738 en was in 1755 voltooid. Een aantal
architecten was betrokken bij het project, onder wie de befaamde
Italiaanse architect Francisco Sabatini. De magnifieke tuinen aan de
noordkant van het paleis werden naar hem genoemd. Het paleis werd
voor het eerst als koninklijke residentie gebruikt door koning
Carlos III in 1764.
Het reusachtige paleis heeft een oppervlakte
van 135.000 m2 en bevat talloze belangrijke kunstwerken
van schilders als Francisco de Goya, Giovanni Battista Tiepolo,
Diego Velazquez en Michelangelo Caravaggio. Verder is er een
collectie muziekinstrumenten gemaakt door de beste vaklieden, zoals
het enige complete strijkerskwintet van Stradivarius ter wereld. Het
paleis is ook bekend om zijn verzameling wapenrustingen in La Real
Armería, de koninklijke wapenkamer, die deels dateert uit de 13e
eeuw. |



|