INFO MADRID
Start MADRID 1987 MADRID 1988 MADRID 1999 INFO MADRID GESCHIEDENIS


MEER INFO MADRID

 

De Spaanse hoofdstad ligt middenin Spanje, op 2,5 uur vliegen van Nederland, en bruist door haar 3 miljoen inwoners. De Madrilenen zijn namelijk hét element dat Madrid zo aantrekkelijk maakt. Ze lijken nauwelijks slaap nodig te hebben, en genieten volop van alle geneugten van het leven. Ook vinden ze het leuk om toeristen te betrekken bij het Spaanse leven, en je zult je hier dan ook zeker op je gemak voelen. Pas alleen wel op voor zakenrollers en berovingen, en loop 's avonds laat niet alleen over stille straatjes. Gelukkig is er 's nachts genoeg leven op straat!

 

Neem 'ns een loopje!

Het leukste is om Madrid lopend te verkennen. Er is trouwens wel een goed metro-netwerk, maar de stad zelf is zó mooi dat je dan teveel zou missen. De Plaza Mayor is de plek waar vroeger stierengevechten en executies plaats vonden. Nu is het een gezellig plein vol terrasjes en barretjes. De Puerto del Sol is hét absolute middelpunt van de stad én van het land. Hier vind je het punt nul, en alle afstanden van hier naar andere wereldsteden staan er aangegeven.

 

Hotels

Madrid is goed te betalen, en hoeveel je er uitgeeft zal vooral afhangen van je hotel. In één van de 50.000 hotelkamers in Madrid vind je vast wel een plekje. Slapen kan hier prima in alle prijsklassen, en wij hebben er een aantal voor je uitgezocht:

 

·   Chueca Pension (Grevina 4, tweede verdieping) ligt middenin de levendige, artistieke wijk Chueca. Nog 'maar 20 jaar geleden was deze buurt vervallen en smerig, maar nu is het echt 'The Place To Be'! Een kamer in dit kleine pension kost 47 euro voor 2 personen.

·   Hotel Monaco (calle Barbieri 5) is echt een kitsch hotel. Het ligt ook in Chueca, en was vroeger een sjiek bordeel. Veel kamers zijn nog steeds erg pluche en roze, met spiegels aan het plafond, en kamer 20, mét bad in het midden, was vroeger de favoriete kamer van koning Alfonso XIII. Je betaalt hier 71 euro per nacht.

·   Bauzá Hotel (Calle Goya 79) ligt in de sjieke wijk Salamanca, waar ook alle grote, dure modemerken te vinden zijn. Een kamer in dit wat luxere hotel kost 129 euro, en dan benm je wel van alle gemakken voorzien.

·   Het Westin Palace Hotel (Plaza de las Cortes 7) is voor de meesten wellicht iets te hoog gegrepen, met standaard kamers vanaf 480 euro per nacht.

 

Nachtleven

In Madrid kom je om 3 uur 's nachts bijna evenveel mensen tegen als om 3 uur 's middags, en dit zeven dagen per week! In de barretjes krijg je gratis tapas bij je biertje, en als het lekker is, gooi je je servetje gewoon op de grond. Probeer ook een warme chocolademelk met churos (een soort oliebollen zonder krenten). Op het Santa Ana Plein worden elke avond flyers uitgedeeld, waarmee je vaak een gratis cocktail krijgt bij de clubs.

 

Shopping

De wijk Chueca is vooral leuk om de excentrieke mensen en aparte winkeltjes. In Salamanca vind je de chiquere winkels. De Puerta del Sol is dé plek waar je El Corte Ingles vindt. Dit chique, mooie warenhuis is wel een bezoekje waard, en vlakbij vind je ook een enorme Zara.

 

 


MEER INFO MADRID

 

De hoofdstad Madrid, is met bijna 3,7 miljoen inwoners op 531 km2 de grootste  stad van  Spanje; tevens is zij nu weer koninklijke residentie, zetel van de regering, van de universiteit en een aartsbisschop. Zij ligt in het hart van Spanje op een hoogvlakte zuidelijk van de voet van de Sierra de Guadarrama, 80 m boven de waterarme en gedeeltelijk gekanaliseerde Rio Manzanares.

 

Madrid is een politieke creatie van de Spaanse koningen; alle natuurlijke voorwaarden voor een snelle ontwikkeling ontbraken. Pas toen de bouw van spoorwegen en moderne wegen Madrid tot het verkeerscentrum van het land hadden gemaakt, werd in de 19de/20ste eeuw de sprongsgewijze vooruitgang mogelijk, waardoor Madrid thans na Barcelona de grootste industriestad van Spanje is. Het vliegveld Barajas ligt 13 km noordoostelijk van de stad.

 

De hoge ligging van de stad veroorzaakt sterke temperatuurwisselingen  (dagelijks tot 17°). De zomer is er heet (tot 43°C), en de winter is vrij koud (tot -12°C), de lucht is er zo scherp en fijn, dat zij, zoals een spreekwoord zegt, 'een mens doodt, maar geen licht uitdoet'. Men hoede zich voor verkoudheden ('hasta el cuarenta de Mayo no te quites el sayo', d.w.z. 'voor de 40e mei, mag men zijn jas niet uitdoen!').

 

GESCHIEDENIS. - In de 10de eeuw lag op de plaats van het huidige kasteel de kleine Moorse stad en  vesting 'Madschfit', die in 1103 door koning Alfonso Vl werd veroverd. De plaats was tot dan een soort uitkijkpost van het Moorse Toledo (in 1085 in christelijke handen). In feite was Madrid in 1083 al door Alfonso Vl ingenomen, gedurende korte tijd echter werd deze plaats weer Moors, tot 1103. In 1309 vergaderde Ferdinand IV met de eerste Cortes in 'Madrit', dat sindsdien vaker de residentie werd. De tweede Cortes kwam hier in 1335 bijeen. Maar eerst onder keizer Karel V werd het oude Alcazar tot stadspaleis verbouwd. Philips II verplaatste in 1561 het hof van Toledo voorgoed naar Madrid, dat toen ca. 30.000 inwoners telde. - In deze tijd kwamen de Spaanse literatuur en kunst tot bloei: Miguel de Cervantes Saavedra (1547-1616) schreef hier het tweede gedeelte van de Don Quijote, Lope de Vega (1562-1635), Diego Velazques (1599-1660) en Pedro de la Barca (1600-1681) verbleven voor korte of langere tijd in de hoofdstad. Onder Joseph Bonaparte (1808-13), werden talrijke kloosters en hele stadswijken gesloopt, om ruimte te maken in de stad. In de Spaanse burgeroorlog doorstond Madrid een zware belegering door troepen van Franco. Aan het begin van de oorlog werd Madrid verdedigd door 100000 soldaten van de republikeinse kant. Vooral in de universiteitswijk, bij het vliegveld Getafe en het stadsziekenhuis werd hevig gevochten. Pas op het laatst, in 1939, gaf de stad  zich over. In de tussentijd fungeerde Valencia als hoofdstad

 

BEELDENDE KUNST- Uit de periode tot 1561 (Madrid hoofdstad) dateren: de kerken San Pedro el Real, San Jeronimo el Real. Tot aan de komst van de Bourbons, in 1701, verrezen: het klooster Descalzas Reales, de Plaza Mayor, het klooster Encarnaci6n, dat van de Benedictinas de San Placido, en de kerk San Isidro. Belangrijke gebouwen die na die tijd zijn gebouwd: het stadshospitaal, nu stedelijk museum, het koninklijk paleis of Palacio del Oriente, de kerk van Salesas Reales. In neo-klassieke stijl werden opgetrokken: de kerken van San Marcos, San Francisco el Grande en het Prado museum.

 

BEZIENSWAARDIGHEDEN. - Madrid heeft veel interessants te bieden. Het verdient daarom aanbeveling om de stad stukje bij beetje te bekijken, zoals hieronder wordt aangegeven. Het centrum van de oude stad en tevens knooppunt van de metrolijnen is de Puerta del Sol, een plein dat zijn naam dankt aan de in 1570 afgebroken oostpoort, waar tien wegen op uitkomen, o.a. de zes snelwegen naar de grens. Aan de noordkant van het plein hotels en banken, aan de zuidkant het gebouw van de Binnenlandse Veiligheidsdienst, i n 1786 door Jacques Marquet als postkantoor gebouwd met klokketoren uit 1847.

 

Oostwaarts naar het Prado. - Van de Puerta del Sol loopt de brede Calle de Alcala, met banken en cafés, noordoostelijk  naar de Plaza de la Cibeles (zie onder). Meteen links het Ministerie van Financiën, ernaast de Academia de Bellas Artes de San Fernando, met belangrijke collectie (Spaanse schilderijen o.a. Goya en Zurbaran en Italiaanse en Hollandse meesters). Dan links de Iglesia de las Calatravas (17de eeuw), de kerk van de orde der Calatrava-ridders. Deze orde werd ingesteld na de verdediging van het slot Calatrava tegen de Moren (1158). In 1806 werd zij omgezet in een gewone orde van verdienste. Schuin daartegenover, het Ministerie van Onderwijs (1928) en het monumentale gebouw van de Circulo de Bellas Artes met hoge toren (1926; exposities). Dan links, bij het begin van de Gran Via, de kerk San José (1742). - Aan het eind van de Calle de Alcala staat rechts met de voorzijde naar de Prado - promenade, het paleis van de Banco de España (1891). Alle afstandsaanduidingen in het land richting Madrid, gaan van de Puerta del Sol als nulpunt uit. Madrid is een stad van banken, dat blijkt het beste op dit centrale plein en directe omgeving. Onlangs is nog vastgesteld, dat Spanje meer bankgebouwen dan kerken telt... Wat geldpolitiek betreft kende Spanje tot 1973 een merkwaardige regel: buitenlandse banken mochten zich in het land niet vestigen. Pas in de laatste jaren van het Franco-  bewind, werd dat verbod opgeheven. Dat is gemakkelijk verklaarbaar: het geld voor de Franco - aanhangers in de burgeroorlog - ca. 20 miljard huidige guldens - werd door banken gefourneerd, zonder afspraken vooraf over terugbetaling of rente. Terug betalingscondities werden pas een half jaar na het einde van de burgeroorlog uitgewerkt. Uit erkentelijkheid handhaafde Franco het vestigingsverbod voor niet Spaanse banken. Het lijkt alsof de bankgebouwen elkaar beconcurreren wat grootte betreft. Spaanse banken geven gemiddeld twee maal zoveel geld uit aan representatie dan banken buiten Spanje! Links tegenover, in een grote tuin, het voormalige Palacio de Buenvista, gebouwd in 1782 voor de hertogin van Alva, van 1805 tot 1808 eigendom van de 'vredesvorst' Godoy, nu het Ministerie van Defensie.

 

 

De Calle de Alacala komt uit op de Plaza de la Cibeles, het drukste plein van de stad, met de Fuente de Cibeles (18de eeuw), een marmeren beeldengroep van de Kleinaziatische natuurgodin Cybele. Aan de zuidoostkant van het plein het in 1918 gebouwde, imposante hoofdpostkantoor (correos). Even oostelijk hiervan het interessante Nationale museum voor decoratieve kunst (Museo Nacional de Artes Decorativas) in de Calle de Montalban 12, met rijke collectie meubels, keramiek en volkskunst. - Van de Plaza de Cibeles gaat de Calle de Alcala verder in oostelijke richting naar de Plaza de la Independencia (zie onder), vanwaar de Paseo de Recoletos (Paseo de Calvo Sotelo) naar het noorden en de Salon resp. Paseo del Prado naar het zuiden loopt.

 

De Prado ('weide') is een brede, prachtig aangelegde promenade. Aan het noordelijke deel van deze weg, de Salon del Prado, staat het imposante Ministerie van Marine (1928) met een interessant Marinemuseum (Museo Naval). Verderop de Fuente de Apolo uit 1780; schuin ertegenover het Monumento del Dos de Mayo uit 1840, voor de in een opstand tegen de Fransen op 2 mei 1808 gevallen 'martelaars voor de vrijheid'. Aan de noordoostkant van het plein de Beurs (1893). - Aan het zuideinde van de Salon del Prado de Plaza Canovas des Castillo, met de Fuente de Neptuno (18de eeuw) en twee luxehotels. Dan rechts de langgerekte Plaza de las Cortes, waar het in 1850 gebouwde Huis van afgevaardigden, het Palacio de las Cortes Espanolas, staat. Even ten zuiden van dit plein het Museum Lope de Vega in de Calle Cervantes 11, een kopie van het huis van de Spaanse toneelschrijver. - De Salon del Prado zet zich naar het zuiden voort als de Paseo del Prado met het Prado museum en de botanische tuin.

 

Het Prado museum (Museo del Prado) dat tussen 1785 en 1819 werd gebouwd en nadien steeds is uitgebreid, bevat een van de oudste, beroemdste en grootste schilderijencollecties ter wereld, evenals een belangrijke schat aan beeldhouwwerken .

 

De belangrijkste werken van de collectie van meer dan 2500 geëxposeerde schilderijen (het totale aantal is ca. 5000) hangen op de eerste etage. Zeer waardevol is de Spaanse school, waarin J. Ribera met ca. 60 werken en El Greco met 34 werken vertegenwoordigd zijn; van Diego Velasquez bezit het museum zo'n 50 werken. Vermeldenswaard zijn verder Murillo, Goya, Berruguete, Mora/es, Ribalta, Zurbaran, Cano en Coello. Andere verzamelingen Italianen uit de 15de eeuw met Fra Angelico, Raffael, Tintoretto, Tiepolo, Titiaan e.a.; Hollandse meesters; de Duitse school met Albrecht Durer, Lucas Cranach e.a.; de Vlaamse School met Rubens (86 werken), van Dyck, Jan Brueghel; Rembrandt e.v.a. Op de begane grond de beeldenverzameling.

 

Oostelijk achter het museum de kerk San Jeronimo el Real, 16de eeuw, in 1882 gerenoveerd, van 1528 tot 1833 vergaderplaats van de Cortes, plaats van de eedaflegging van de kroonprins (Principe de Asturias). - Tegenover de noordkant van de kerk de Academie, gesticht in 1713 ter beoefening van de Spaanse taal en letterkunde, in 1893 hierheen verplaatst. De Academia werd gesticht in 1752, het classicistische front dateert uit 1774, (door Diego de Villaneueva). Overal in Europa werden in de 18de eeuw kunstacademies opgericht, deze hadden een zuiver representatieve functie. Pas in de 19de eeuw werden het opleidingsinstituten in de moderne zin van het woord. Even noordelijk daarvan het Legermuseum (Museum del Ejército) met een collectie wapens en modellen.

 

Ten zuiden van het Prado ligt de Botanische tuin (Jardin Botanico), met grote  kassen aan de noord- en oostzijde. -   Oostelijk daarvan strekt zich het hooggelegen Parque del Retiro uit, een mooi park, waar vroeger het gelijknamige zomerverblijf van Philips II stond, dat in 1734 is afgebrand. Centraal in het park de  vijver Estanque Grande, met aan de oostkant het hoge gedenkteken voor koning Alfonso Xll, omgeven door een zuilengalerij (1922 voltooid). Aan de noordkant van de vijver een restaurant, muziekpaviljoen en zomertheater. Aan de oostkant de Zoölogische tuin. In het zuidelijk deel van het park het Spaans museum voor moderne kunst (Muséo Espanol de Arte S Contemporaneo), gevestigd in de bewaard gebleven feestzaal van het slot, met werken van Rosales, Fortuny, Vicente Lopez, Madrazo, Rusinol, Mir e.a.

 

Naar het noordelijke stadsdeel Salamanca. - Aan de noordwestkant van het Parque del Retiro de drukke Plaza de la  Independencia met de Puerta de Alcala, een imposante triomfboog uit 1778. Hiervandaan loopt de elegante winkelstraat Calle de Serrano noordwaarts door de chique wijk Salamanca. Meteen links het Nationaal archeologisch museum. Verder noordelijk (12 km) ligt aan de linkerhand, hoek Calle de Maria de Molina, het Museo Lazaro Galdiano, de belangrijkste 0 privé-verzameling van Spanje, die bij de dood van de stichter aan de staat werd vermaakt; het bevat porselein, keramiek en brons uit de 12de eeuw, de rijkste collectie Engelse schilderijen buiten Engeland, en vele werken van Spaanse, Italiaanse en Hollandse meesters (o.a. Greco, Goya, Velazquez, Murillo, Zurbaran, | Cano, Coello, Tiepolo, Leonardo da Vinci, Rembrandt). - Aan het oostelijk einde  van de Calle de Maria de Molina de indrukwekkende torenflat Edificio Maria de  Molina. Verder op de Calle de Serrano aan de linkerhand de moderne gebouwen van de Consejo Superior de investigaciones | Cientificas (Adviescommissie voor wetenschappelijk onderzoek), met het Natio[ naal archief (Archivo Historico Nacional; 20000 documenten), en de kerk Espiritu Santo (1946), voorbeeld van moderne Spaanse kerkbouwkunst.

 

Parallel ten westen van de Calle de Serffirano loopt vanaf de Plaza de Cibeles de Paseo de Calvo Sotelo (Paseo de Recoletos), eens de voornaamste promenade van Madrid, waaraan vroeger veel  adellijke huizen stonden. Aan de naar links afbuigende Calle de Dona Barbara - de Braganza het Paleis van Justitie, in 1758 gebouwd als een Salesianerinnene klooster. In de aangrenzende Salesianerinnenkerk het marmeren grafmonument  van Ferdinand Vl. Verder in noordwestelijke richting het Museo Romantico  Calle de San Mateo 13, met meubels  schilderijen en nostalgia uit de tweede  t helft van de 19de eeuw. Aan het eind van de Paseo de Calvo Sotelo rechts het Bibliotheek- en museumgebouw (1866-94) (Palacio de la Biblioteca y Museos Nacionales), met de Nationale Bibliotheek, in 1711 door Philips V gesticht, een van de meest uitgelezen  boekenverzamelingen van Europa (ca. 2 miljoen banden, waaronder ca. 800 Don Quichot-edities, verder talrijke handschriften, documenten, handtekeningen, meer dan 100000 gravures en houtsneden).

 

In de oostvleugel van het gebouw het Archeologisch museum (Museo Arqueologico) met prehistorische voorwerpen, kunst en kunstnijverheid van de oudheid tot heden: Iberische oudheden, waaronder de beroemde 'Dame van Elche' uit de 4de of 3de eeuw v.Chr. en de 'Dame van Baza', verder Egyptische, Etruskische, Fenicische, Griekse, Westgotische, Romeinse en Oostaziatische oudheden; muntencollectie; kopie van de grot van Altamira. - Noordelijk van dit gebouw, op de Plaza de Colon met het 17m hoge standbeeld van Columbus, de Munt (Casa de la Moneda) uit 1861. In de buurt, Paseo de Calvo Sotelo 41, een Wassenbeeldenmuseum (Museo de Figuras de Cera), met ruim 300 beelden en 28 groepen.

 

Van de Plaza de Colon gaat de 22 km  lange Paseo de la Castellana (Openluchtmuseum voor moderne beeldhouwkunst) noordwaarts door de wijk Salamanca naar het uitgebreide complex van de Nieuwe Ministeries, zetel van drie ministeries. Zuidoostelijk ervan op de heuvel het Natuurwetenschappelijk museum (1771), dat o.a. grote meteorieten bevat. Naast de Nieuwe Ministeries het station Chamartin, het kopstation voor belangrijke spoorlijnen in het noorden, dat door een snelle tramdienst met het zuidstation is verbonden. Ca 1km noordelijk van de Nieuwe Ministeries ligt rechts aan de grootse Avenida del Generalismo het imposante Stadion Bernabeu. Naar het universiteitscomplex in het noordwesten. - Van de Puerta del Sol in noordoostelijke richting door de drukke Calle de la Montera, langs de kerk San Luis uit 1689, naar de Gran Via (officieel Avenida de José Antonio), de grootste winkelstraat in Madrid met hoge hotels en warenhuizen, theaters, banken en kantoren. Meteen links op de hoek van de  Calle de Fuencarral (het verlengde van de Cal le de la Montera), het Telefon icagebouw met zestien verdiepingen (1928). Even oostelijk het Drankenmuseum (Museo de Bebidas), met 23000 flessen uit verschillende landen en tijden. In de Calle de Fuencarral 78 het voorm. Hospicio 0de San Fernando (1729) met prachtig plateresk portaal, binnenin het interessante EStadshistorisch museum (Museo Municipal) met mooi barok-portaal van Ribera.

 

Van de Telefonica gaat de Gran Via westwaarts naar de drukke Plaza de España, met veel hoogbouw, vooral het Edificio  - de España (107 m hoog, 26 etages, café i met  en zwembad op 96 m hoogte). Aan de noordwestkant van het plein de Torre de Madrid (1959), een flat en  kantoorgebouw, 124 m hoog (ook bioscoop), met 35 etages en een ondergrondse parkeergarage van drie verdiepingen voor 350 auto's. Midden op de Plaza de España het Gedenkteken voor Cervantes (1928) met afbeeldingen van Don Quichot en Sancho Pansa. In de Cal le de Ferraz, die aan de zuidwestkant van het plein begint, het interessante Museo de Cerralbo, o.a. met een belangrijke schilderijenverzameling van  vooral Spaanse, Italiaanse en Vlaamse meesters. - Westelijk van het museum in het Parque de la Montana de Egyptische Tempel van Debod, opgericht in de 1steeeuw v.Chr. 22 km zuidelijk van Assoean aan de Nijl, in 1972 als geschenk van president Nasser hier weer opgebouwd  (mooie wandreliëfs, o.a. uit de Isisculte).

 

Even noordoostelijk van de Plaza de España ligt de oude universiteit, in 1836 vanuit Alcala de Henares onder de naam Universidad Central de Espar7a naar Madrid verplaatst en sinds 1842 in een vroeger jezuïetennoviciaat ondergebracht.

 

Noordwestelijk van de Plaza de España bereikt men via de Calle Princesa de Plaza de Moncloa (of Plaza de los Martires de Madrid), met het in 1950 aanbestede imposante gebouw van het Ministerie van Luchtvaart. - Ten noordwesten begint bij de van veraf zichtbare 39 m hoge Arco de la Victoria (ook Arco del Triunfo; 1956) het uitgestrekte Parque del Oeste (westpark), waar ieder voorjaar een internationale rozententoonstelling plaats vindt. Noordoostelijk van de Arco het Museo de América, een voortreffelijke etnografische collectie van de oude culturen van Mexico en van Midden- en Zuid-Amerika. In hetzelfde gebouw het Museum van de afgietsels, met gips- en bronsafgietsels van oude kunstwerken. Verder naar het noordwesten de ronde Plaza de la Ciudad (officieel Glorieta del Cardenal Cisneros). Ten zuiden hiervan de Ciudad Universitaria (universiteitsstad), met groots opgezette gebouwencomplexen. Meteen rechts aan de Avenida Complutense, de brede hoofdlaan van de universiteitsstad, de Gran Plaza (officieel Plaza de Ramon y Cajal), met de Medische faculteit; aan het noordeinde van de laan staat de Au/a (Paraninfo)

 

Naar het koninklijk paleis in het westen - Vanaf de zuidhoek van de Plaza de España komt men via de Calle de Bailén langs het voorm. Senaatsgebouw en langs het Spaans museum voor volkenkunde (Museo del Pueblo Español) naar de met plantsoenen versierde Plaza de Oriente, het grootste plein van de binnenstad, dat onder Joseph Bonaparte aangelegd is en waaromheen 44 standbeelden van Westgotische en Spaanse koningen staan. Centraal het ruiterstandbeeld van Philips IV, in 1640 naar ontwerp van l.M. Montanes door de Florentijn Tacca gegoten. Op de noordoosthoek van het plein het oude augustijner nonnenklooster La Encarnacion, thans kunstmuseum. Aan de oostkant van het plein het Teatro Real, sinds 1966 ook conservatorium. Oostelijk achter het theater ligt de Plaza de Isabel II, waarvandaan de Calledel Arenal (met kerk San Ginés) naar de Puerta del Sol voert.

 

Aan de westkant van de Plaza de Oriente staat het Koninklijk paleis (Palacio Real), naar een ontwerp van F. Juvara (t1735) voor Philips V van 1738 tot 1764 gebouwd door Giov. Batt. Sacchetti op de plaats van de oude Alcazar en het in 1734 afgebrande oude paleis, en in 1845 met de zuidwaarts uitstekende vleugel aangevuld. In de vierkante binnenhof beelden van de vier in Spanje geboren Romeise keizers Trajanus, Hadrianus, Theodosius en Honorius. In het prachtig gedecoreerde interieur zijn de ca. 2500 wandtapijten van bijzonder belang, de grootste collectie naast die van Wenen (overwegend Vlaamse werken uit het bezit van Karel V). In de noordoosthoek van het kasteel de in 1716 door Philips V gestichte Koninklijke bibliotheek (300 000 boeken, 4000 manuscripten en 3500 kaarten). - Tussen de beide zuidvleugels van het kasteel ligt de Plaza de Armas, waar men vanaf de bogengaanderij een mooi  heeft op de paleistuinen, de Manzanaresvlakte en het Guadarrama Gebergte. De zuidwestelijke zijvleugel van het kasteel bevat de Armeria, de door Karel V gestichte wereldberoemde wapencollectie van de Spaanse koningen, met vele meesterstukken van wapensmeden uit verschillende landen.

 

Zuidelijk tegenover de Plaza de Armas staat de Catedral de Nuestra Senora de la Almudena, met twee torens en classicistische fa,cade, waar sinds 1895 aan wordt gebouwd. - Even ten noorden van het kasteel het Wagenmuseum (Museo de Carrozas). Westelijk achter het kasteel strekken de paleistuinen zich uit, tot aan de Paseo de la Virgen del Puerto, na de Moorse belegering van het Alcazar in 1109 'Campo del Moro' genoemd. Van de Paseo de la Virgen voert de Puente del Rey over de gekanaliseerde Rio Manzanares naar het Casa del Campo, een groot recreatiepark met vijvers,  feestzaal, openluchttheater, dierentuin, arena en restaurants (van de Paseo del Pintor Rosales kabelbaan met cabines). Aan het noordeinde van de Paseo de la Virgen het station noord. Van hier voert de Paseo de la Florida vlak langs de Manzanares naar de Ermita de San Antonio de la Florida, een in 1792 door J. Villanueva gebouwde kapel; binnenin plafondschilderingen van Goya (1799); in het koor het graf van de meester. - Hiervan daan bereikt men in korte tijd het Parque del Oeste.

 

Naar de zuidelijk gelegen Plaza Mayor. Van de Plaza dei Sol bereikt men via de Calle Mayor in zuidwestelijke richting de links terzijde gelegen Plaza Mayor  (voetgangerszone), een in 1619 aangelegd groot plein, architectonisch een opmerkelijk afgerond geheel, dat vaak voor feestelijkheden, toernooien, paardenrennen en stieregevechten werd gebruikt; in het midden een ruiterstandbeeld van Philips 111, door Giovanni Bologna gemodeleerd en in 1613 door zijn leerling Pietro Tacca in Florence gegoten. Aan de noordkant van het plein het met fresco's versierde Casa Panaderia (1672), oorspronkelijk verkoopplaats van brood, nu de zetel van stedelijke instanties. Daartegenover, aan de zuidkant van de Plaza Mayor het Casa Consistorial, dat eveneens voor gemeentelijke doeleinden wordt gebruikt. Op zondag is er onder de noordboog van de Plaza Mayor een munten- en postzegelbeurs. Van de zuidwesthoek van de Plaza Mayor voert de pittoreske Arco de los Cuchilleros en daarna de Calle de los Cuchilleros omlaag naar de nauwe straatjes van de oude stad. - Even zuidoostelijk van de Plaza Mayor aan de kleine Piaza de Jacinto Benavente het Ministerie van Buitenlandse Zaken, in 1643 als gevangenis gebouwd. Van hier voert de drukke Calle de Atocha naar het Station zuid.

 

Verder westelijk van de Plaza Mayor is de Plaza de la Villa, met het stadhuis (Casa del Ayuntamiento), met drie torens, in 1644 gebouwd en verscheidene malen uitgebreid. Oostelijk tegenover het stadhuis de oude Torre de los Lujanes (16de eeuw; gerenoveerd). - Zuidelijk van de Plaza de la Villa de Capilla del Obispo, in 1520 op de plaats van het oorspronkelijke graf van de H. Isidor gebouwd, met plateresk. retabel (1547). Daarnaast de koepelkerk San Andrés uit de 17de eeuw. Van hier in zuidwestelijke richting via de Carrera de San Francisco naar de kerk San Francisco el Grande, een koepelbouwwerk uit 1784, dat in 1869 tot Pantéon Nacional werd bestemd; sinds 1881 echter rusten hier geen gebeenten meer. In het prachtig in Dorische stijl gedecoreerde interieur van de eerste kapel links een altaarbeeld van Francisco Goya (1782) .

 

Aan de zuidkant van de Plaza Mayor begint de Calle de Toledo, een hoofdstraat in het zuidelijke deel van het oude Madrid, met vele kleine winkels. Links de kerk San Isidro el Real, (1622-51) tot de voltooiing van de kathedraal als hoofdkerk gebruikt, een imposant granieten gebouw, dat in 1769 aan de beschermheilige van Madrid, de H. Isidor 'de Landbouwer' (San Isidro Labrador, 1170) werd gewijd; in het koor het gebeente van de heilige. - 300 m zuidelijk begint het zgn. Rastro, een vooral op zondagochtend drukke vlooienmarkt (ook antiquiteiten). - De Calle de Toledo voert van San Isidro verder naar de Puerta de Toledo, een in de Napoleontische tijd begonnen en in 1827 voltooide overwelfde poort, van waar men via de Ronda de Toledo bij station zuid komt. De Ronda de Toledo is één van de brede ringwegen om de oude stad van Madrid heen; oostwaarts bereikt zij ten slotte de Glorieta de Atocha (officieel Plaza del Emperador Carlos V). Aan de zuidkant van dit plein het station zuid. - Vanaf de Glorieta gaat in zuidoostelijke richting de brede Paseo de la Infanta Isabel langs het Etnologisch museum naar de Basilica de Nuestra Senora de Atocha, in 1890 op de plaats van een oude Ermita begonnen, maar behalve de klokketoren en een pantheon voor bekende Spanjaarden onvoltooid.

Vorige Start Volgende

 


AL ONZE  ANDERE  REISVERSLAGEN

ALASKA  /  ANDALUSIË   / ARGENTINIË   /   AUSTRALIË   /  AVONTUREN  /  BALI   / BALKANREIS / BELGIË  /  BELIZE   /  BULGARIJE  /  CANADA   /   CALIFORNIË   /   CHILI   /   CHINA   /   CUBA   /   CURAÇAO   /   CYPRUS   /   DENEMARKEN   /   DUITSLAND   /  ECUADOR   /   EGYPTE   /   ENGELAND   /  ESTLAND  /  FILIPPIJNEN  /  FINLAND   /  FOTOSITE  /  FRANKRIJK  / GRIEKENLAND  /   GUATEMALA   / HONGARIJE   /  INDIA -NOORD   /   INDIA -ZUID   /   INDIA -RAJASTHAN   /   IRAN  /   ISRAËL  /   ITALIË   /  JAVA   /  JORDANIË   /   KRETA   /   KROATIË   /  LETLAND   /   LITOUWEN   /   MADEIRA   /   MALEISIË   /   MALLORCA   /  MALTA  /   MAROKKO   /   MEXICO YUCATAN     /   MEXICO  /  NEPAL   /   NEW YORK   /   NOORWEGEN   /  OEKRAÏNE  / OEZBEKISTAN   /  OOSTENRIJK  /   PARAGUAY   /   PERU   /   POLEN   /  PORTUGAL  /   REISFOTO'S   /  ROEMENIË  / RUSLAND   /   SCANDINAVIË   /   SICILIË   /   SINGAPORE   /   SLOVENIË   /  SLOWAKIJESPANJE   /   SRI  LANKA   /   SUMATRA   /   SYRIË   /   THAILAND   /  TSJECHIË   /   TUNESIË   /   TURKIJE   /   UNESCO - SITE   /   URUGUAY   /   USA    /   ZUID-AFRIKA  /   ZWEDEN