|
|
ESCORIAL
San Lorenzo del Escorial, ook kort El Escorial genoemd, bestaat uit het oude dorp El Escorial de Abajo (923 m) en het westelijk hoger gelegen gedeelte van het dorp El Escorial de Arriba (1028 m); het wordt vanuit Madrid als zomerverblijf bezocht, en heeH zijn ontstaan te danken aan het beroemde kloosterkasteel, een van de meest Imposante bouwwerken van Spanje.
Het Monasterio de San Lorenzo del Escorial, door koning Philips II aan de H. Laurentius gewijd, grafstede van zijn vader Karel V, en zomerverblijf, werd in 1563 volgens de plannen van de in Italië opgeleide bouwmeester Juan Bautista de Toledo begonnen, en na zijn dood (1567) door Juan de Herrera in 1584 afgemaakt. De decoratie van binnen werd behalve door talrijke schilders uit de streek grotendeels verzorgd door Italiaahse meesters, o.a. Pellegrino Tibaldi en Luca Giordano en ook door de beeldhouwer Pompeo Leone. - Het imposante gebouw van witgrijs graniet, een rechthoek van 207 m lang en 161 m breed met vier hoektorens, lijkt eerder op een vesting dan op een vorstelijk paleis. Gebouwd naar voorbeeld van het Italiaanse classicisme uit de 16de eeuw, is het tegelijkertijd het begin van de Spaanse barokbouwkunst. - Het centrum is de hoge kerk met de twee torens en de koepel. In het westen grenst daaraan het voorhof, in het zuiden de kruisgang met de sacristie en de kapittelzalen, in het oosten en noorden het koninklijk paleis. Er zijn 16 hoven, 2673 vensters, 1250 deuren, 86 trappen en 88 fonteinen; de lengte van alle gangen bij elkaar bedraagt 16 km.
BEZICHTIGING. - Hoofdplein van het klooster is de aan de westkant gelegen Lonja, begrensd door het voorm. Casa de la Comparñia (17de eeuw), de huidige augustijner universiteit. Boven de westelijke toegangspartij zien we het attribuut van de H. Laurentius: een rooster. Deze martelaar werd nl. volgens de legende in de 3de eeuw levend verbrand. Sommigen houden het erop, dat de omtrekken van het rooster, de vorm van het Escorial hebben bepaald. Aan de zuidkant van het plein de Galerla de Convaleclbntes, een loggia met twee verdiepingen die uitkomt op de kloostertuin, van waar mooi uitzicht. - Van de oostkant van het kloosterplein komt men via de imposante hoofdpoort (Portico Principal) in de Patio de los Reyes, een voorhof die 64 m lang en 38 m breed is ten noorden waarvan het Colegio zich bevindt, en ten zuiden het Convento (het eigenlijke klooster) met de bibliotheek. Aan de oostzijde van het hof staat de kerk (Templo), met twee klokkentorens van 72 m hoogte, en zes enorme granieten standbeelden van de Israëlitische koningen (1584) aan de façade.
Men komt de kerk binnen door het atrium. Op de kogelgewelven fresco's van Luca Giordano (rond 1695). - In de Capilla Mayor het uit kostbare marmersoorten gevormde 26 m hoge hoofdaltaar, met vergulde bronzen beelden (1598). In een kapel van het hoog koor het levensgrote marmeren crucifix van Benvenuto Cellini (1562). - Onder de Capilla Mayor het Pante6n de los Rey, door Philips II aangelegd, maar pas in 1654 voltooid, met de sarcofagen van de koningen (slechts vijf van de 26 zijn nog leeg). - Onder de sacristie het in 1862-88 gebouwde Panteón de los Infantes - Van de rechterzijbeuk door de antesacristia (plafondschildering van Nic. Granelo) in de sacristie, met het meesterwerk van Claudio Coello, daaronder het 'feest van de H. Hostie' (1684).
Door de antesacristia of voorhal van de kerk komt men bij de met fresco's versierde Onderste kruisgang (claustro principal bajo), waarvan de hof Patio de los Evangelistas heet naar de beelden van het tempeltje. - Aan de zuidkant van de kruisgang de kapittelzalen (Sala Capitulares); in de zuidwesthoek van de kruisgang de Iglesia Antigua, met de 'Marteling van de H. Laurentius' van Titiaan (1564). - Grote hoofdtrap (Escalera principal) met een plafonddecoratie van L. Giordano.
Aan de zuidkant van de Patio de los Reyes de Bibliothek (Biblioteca de Impresos), een zaal van 54 m lengte die rijk versierd is met fresco's van Pellegrino Tibaldi en Bart. Carducci, met 40.000 boeken, waaronder de 'codex aureus' van de hand van keizer Conrad II (1039 voltooid). Aan de noordkant van de kerk grenst het koninklijk paleis (Palacio Real), een door de opvolgers van Philips II prachtig versierd gebouw in de stijl van de 17de en 18de eeuw. De belangrijkste decoraties zijn de 338 wandtapijten, waaronder 150 Spaanse (o.a. naar ontwerpen van Goya) en 163 Vlaamse. Op de begane grond de schilderijengalerij, met beroem de werken van o.a. Velazquez, Greco, Ribera, Titiaan, Tintoretto, Veronese, Giordano, Palma Giovane, Rubens, Bosch, Rogier van der Weyden); in het souterrain het museum voor architectuur, met o.a. ontwerpen van J. de Herrera. In de Cel van Philips II (Habitación de Felipe II), de 'Zeven doodzonden' van Hieronymus Bosch en elf aquarellen in een vitrine, die aan Albrecht Dürer worden toegeschreven. In de naburige alkoof de sterfplaats van Philips (13 september 1598). Vanuit zijn bed kon de koning de mis in de kerk volgen. Aan de oostkant van het klooster de Jardines del Principe, met mooie bomenlaantjes en enorme, ca. 250 jaar oude mammoetbomen. In het benedengedeelte het Casita de/ Príncipe, een soort landhuis (1772) voor de latere koning Karel IV, waarin zich kostbare meubels en talrijke schilderijen bevinden.
OMGEVING. Naar de Valle de los Caidos. 13 km ten noorden van het Escorial komt men Grafmonument van de Valle de los Caidos ('Dal der gevallenen'), officieel het Monumento Nacional de Santa Cruz del Valle de los Caidos, een gedenkplaats voor de gesneuvelden van de Spaanse burgeroorlog (1936-39); hier zijn ook José Antonio Primo de Rivera, de grondlegger van de Falange, en Generalisimo Franco bijgezet. Het van 1950-59 gebouwde complex bestaat uit een in de rots gebouwde crypte ('basilica') en grote kloostergebouwen, die rondom een grote hof zijn gebouwd. Daarboven, op een rots ('Risco de la Nava'; 1393 m) staat een 150 m hoog kruis, dat van zeer ver te zien is.
|