|
STOKE - ON - TRENT
Ga naar de FOTOCOLLAGE MIDLANDS
Dag 2 /
Zondag 15 juli 1984
Ten noorden van Birmingham sloegen we linksaf de Midlands in. Om 11.00 uur
hielden we halt in Burton, een slaperig stadje. De plaatselijke herbergen waren
echter nog gesloten, daarom reden we dwars door het industriële landschap door
naar Stoke - on -Trent. In een "shabby" pub informeerden we naar een adres voor
"bed en breakfast”. Men stuurde ons naar een nabij gelegen stadje,
Newcastle-under-Lyme.
Daar aangekomen vonden we tot onze verbazing het opgegeven adres zonder enige
moeite. Het Grove Court Hotel lag tegenover een "public school" (typische
Engelse kostschool) en kostte £ 8.50 per persoon. We waren erg vermoeid, zodat
we maar direct onder de wol kropen om 2 uur 's middags. Om 5 uur stonden we op
en namen we een frisse douche.
Te voet gingen we het stadje verkennen, aten scherpe spijzen bij een Bengaals
restaurant en wipten enkele pubs binnen. In één ervan werden de nieuwste
videoclips vertoond. Tenslotte beluisterden we een muziekuitvoering van een band
op een kiosk in een park vol prieeltjes.
Om 10.15 uur waren we terug in het hotel. Terwijl Hub. ging slapen, gebruikte
Jos de ter beschikking staande "tea and coffee - making facilities", keek nog
wat naar de televisie, las enige informatie voor de volgende dag door, stelde de
wekradio af op 07.45 uur en dook om middernacht tenslotte ook in zijn nest.
STOKE-ON-TRENT (265.000 inwoners)
Een tweelingstad met Newcastle-under-Lyroe (waar wij logeerden),
wereldbekendheid verworven met zijn zogenaamde"potteries”, de werkplaatsen en
fabrieken waar sinds eeuwen allerlei vormen van aardewerk vervaardigd worden.
Wij brachten er een bezoek aan de “Wedgewood Works and Museum”, gesticht door
Josiah Wedgewood (een Jood) in de 18de eeuw. Er is een grote collectie aardewerk
en porselein te bezichtigen. De bussen toeristen rijden er dan ook af en aan.
Karakteristiek voor oude aardewerkfabrieken zijn de flesvormige ovens, waarvan
er enkele in de buurt bewaard zijn gebleven.
|
Dag 3 /
Maandag 16 juli 1984
Na het traditionele Engelse ontbijt ("eggs and bacon") genuttigd te hebben,
zetten we om 09.30 uur onze reis voort. In de plaatselijke Openbare Bibliotheek
staken we ons (toeristische) licht op over de omgeving, bij de bank Barclay's
wisselden we Eurocheques in en we schaften ons enkele landelijke dagbladen aan
(meestal "The Daily Telegraph" of "The Guardian").

|
 |
BEFAAMD WEDGWOOD PORSELEIN
Na enig zoeken in de streek die "The Potteries" wordt genoemd (vanwege de hoge
aardewerkovens in de omgeving), vonden we de Wedgwood - fabrieken. We bezochten
er van 10.45 tot 12.15 uur het aanpalende museum en wat werkplaatsen. Hub. kocht
een cadeautje voor zijn moeder, terwijl Jos thee dronk in de kantine.
Om 12.30
uur waren we weer "en route". In het stadje Leek hielden we een sanitaire stop;
we lunchten er in een Inn (chicken-pie with roasted potatoes) en begoten een en
ander met enkele "pints of lager". |
 |
|
RONDJE DOOR 'THE POTTERIES'
Wedgwood is niet de enige potterie waar bezoekers van harte welkom
zijn. In Stoke-on-Trent, dat uit zes aparte dorpskernen bestaat,
leven ze al eeuwen van aardewerk en porselein en dit stukje Engeland
wordt daarom The Potteries genoemd.
Andere pottenbakkerijen hebben hun deur ook opengezet:
• Spode Visitor Centre in Stoke, Stoke-on-Trent.
www.spode.co.uk
• Moorcroft Heritage Visitor Centre, Burslem, Stoke-on-Trent.
www.moorcroft.com
Musea zijn er natuurlijk ook. Heel bijzonder is het Gladstone
Pottery Museum in Longton, Stoke-on-Trent, dat in een originele
Victoriaanse aardewerkfabriek is gevestigd en waar nog echte
bakstenen ovens staan in de vorm van een gigantische fles. Deze
bottle ovens bepaalden in de 19e en begin 20e eeuw de skyline
van Stoke-on-Trent.
In dit museum wordt uitgelegd wat het verschil is tussen porselein
en aardewerk (voelen mag) en wordt de geschiedenis van The Potteries
verteld. Zelf een pot draaien of een stuk aardewerk beschilderen kan
ook. Andere musea zijn The Dudson Museum, Potteries Museum en het
Etruria Museum. Alle informatie hierover op:
www.stoke.gov.uk/museums
.
In The Potteries zijn verder tientallen Factory Shops vol leuke
aanbiedingen. Variërend van Bridgewater tot Royal Doulton. Zie
www.visitstoke.co.uk
|
Over kale hoogvlaktes, waarop talloze schapen graasden, bereikten we het
voormalige kuuroord Buxton, midden in het natuurgebied "Peak District" gelegen.
De plaats ademde in onze ogen vanuit elke porie verval en vergane glorie uit. Al
vanaf 16.00 uur verkenden we de Crescent (een halve maanvormige blok monumentale
panden uit de vorige eeuw) en bezochten we het Micrarium, een
museum met veel microscopische flora en fauna. Het zoeken van een hotel had heel wat
voeten in de aarde, tenslotte kozen we voor een middenklashotel in het centrum:
The Grove Hotel. Om 21.00 uur gingen we nog de stad in na in het hotel
gedineerd te hebben. Er was niet voel te doen. Daarom waren we al om 10.30 uur
terug in de lounge van het hotel. Na sluitingstijd werden we bij de gerant van
het hotel, Charles, en zijn vrouw Vera in hun privé - vertrekken uitgenodigd.
Het gesprek handelde over varkens, bedrijfsvoering, schoolsystemen en culinaire
onderwerpen. Om 01.00 uur lagen we in bed. Overigens: in de vooravond hadden we
ook nog de kermis bezocht; kaarten geschreven in een volkspub, fotorolletjes
gekocht, de toerist office aangedaan en het Theatre Pavillion met belendend park
bekeken.
BUXTON - (20.000 inwoners)
Buxton is Engeland's hoogst gelegen kuuroord en bevindt zich temidden van het
prachtigé landschap van het Peak District National Park. In lang vervlogen
tijden was het een vakantiekampement voor Romeinse legioenen. De warme (28° C),
geneeskrachtige bronnen waren vroeger erg in trek. Buxton's mineraalwater wordt
nu nog geëxporteerd naar alle delen van de wereld. Toch is het een stadje van
vergane glorie. |

BUXTON
 |
 |
| Buxton Opera |
Buxton Crescent |
| We bezochten er: The Crescent, een complex van 18de-eeuwse gebouwen in een halve boogvorm,
gelegen tegenover een heuvel die het centrum van het stadje domineert.
Onder aan de heuvel ligt de voormalige Pump Room, van waaruit het water
opborrelde.
The Micrarium, een museum dat bezoekers de gelegenheid biedt de grillige
wereld van de natuur door tientallen microscopen te bespieden. (Zie foto
hiernaast)
The Pavillion Gardens, temidden van uitgebreide parken en tuinen gesitueerd
paviljoen. Bestaande uit glas en smeedijzerwerk, ontworpen door Milner
(assistent van Paxton die roem verwierf met zijn Christal Palace in London).
Wordt momenteel gebruikt voor beurzen, lunches, concerten (in de Music Hall) en
zelfs voor circussen. Ernaast ligt een mineraalwaterzwembad. Een en ander
dateert uit 1871.
Poole's Cavern, een druipsteengrot, genoemd naar de struikrover Poole die er
zijn schuilplaats had. Al in het IJzertijd bewoond, vandaar huidige
archeologische opgravingen. Verscheidene stalactieten zijn door onverlaten in de
vorige eeuw afgebroken. Er loopt ook een ondergrondse rivier (de Wye) doorheen.
|

The Micrarium |
Dag 4 /
Dinsdag 17 juli 1984
Om half negen stonden we op. We namen allebei een bad (niet tegelijkertijd). Als
ontbijt kregen we Deense bacon (was de avond van te voren onderwerp van gesprek
geweest). Om kwart over negen waren we al weer op weg naar onze volgende
bestemming in de buurt: Poole's Caverne. We betraden de grot onder leiding van
een gids. Het was er aangenaam koel. Karakteristiek voor deze grot waren buiten
de bekende druipsteenformaties vooral de "poached eggs" en de
onderaardse rivier de Wye.
| Poole's Cavern |
Poached eggs? |
Na bezichtiging reden we op ons gemak naar het plaatsje Macclesfield, waar we om
12.00 uur aankwamen. We bezochten er een museum voor de zijde-industrie , een zogenaamde
"silk mill” met allerlei weefgetouwen en dergelijke. Een vrouwelijke
vrijwilligster van deze Paradise Mill trachtte ons een en ander aan het verstand
te brengen, maar veel van die tekst en uitleg ontging ons vanwege de
vaktechnische terminologie. Enfin, de dame was in ieder geval erg vriendelijk.
Een bezoek aan de 16de-eeuwse Gawsworth Hall stond vervolgens op ons programma.
Het landhuis werd pas om 14.00 uur geopend. Omdat we te vroeg waren, wandelden
we door het omliggende parklandschap, slenterden over een vervallen kerkhof en
liepen een oude kerk binnen. The Hall werd nog bewoond door een adellijk
echtpaar, dat dan ook hoogst persoonlijk aan de entree stond. In de achtertuin
stond nog een toneelpodium opgesteld. Het Huis werd omgeven door goed
onderhouden grasvelden, bosschages en vijvers. Het interieur was oud-Engels
klassiek / antiek. Er waren ook een privé-kapel en een heuse biljartkamer
aanwezig. Toch was het huis maar van beperkte afmetingen.
Jodrell Bank
Tegen een uur of vier waren we (een vervelende omleiding ten spijt) al weer bij
Jodrell Bank, een terrein van de Universiteit van Manchester waarop een
gigantische radiotelescoop staat opgesteld. Er ligt ook een astronomisch
museum, waar onder meer zaken over ruimtevaart aangeroerd worden. We konden
daarvan nog net een laatste voorstelling in het Planetarium meemaken. In de
kantine aten we quiche met thee.
Van hieruit was het nog 70 km naar Liverpool. Midden in het avondspitsuur kwamen
we daar aan, maar Hub. liet zich niet van de wijs brengen en reed regelrecht
naar het Station, waar de "tourist office" lag. Daar regelde men een hotel voor
ons. Het motregende inmiddels; in de stationsrestauratie dronken we bier
temidden van onguur volk (zwervers, vino's, junks).
|
 |
Ons hotel Hanover in de gelijknamige straat had geen eigen parkeerplaats, maar
de nachtportier hield een oogje in het zeil op onze auto die voor de ingang
stond geparkeerd. Om half acht gingen we de stad in, aten bij een Pakistaanse
Moslim Tandoori Chicken, bachi (uienkoek), kebab en köfte (gehakt). Op straat
werden we vaker benaderd door bedelaars. In de kroegen, we bezochten er zo'n
drie, bevonden zich veel zingende en lallende Ieren. Eigenlijk is Liverpool een
half Ierse stad. We gingen vroeg naar bed: 11 uur. Hub. sliep direct in, terwijl
Jos zoals gewoonlijk eerst nog een tijdje las.
Ga naar de FOTOCOLLAGE MIDLANDS

 |