|
GA DIRECT NAAR DE FOTOPAGINA
9. CASCAIS
Cascais ligt aan een beschutte baai aan de monding van de Taag. De haven bestaat
sinds prehistorische tijden en werd voortdurend zwaar verdedigd tegen indringers
vanuit zee. Rond 1870, toen koning Luis I de citadel aan de baai liet ombouwen
tot zomerpaleis, werd het een modieus vakantieoord. Aan het begin van de
twintigste eeuw lieten welgestelde families hier fraaie vakantievilla's
neerzetten. Tegenwoordig is het een drukke, mondaine vakantiebestemming met veel
moderne winkeltjes en boetieks in de aangename straatjes van de oude stad. De
visserij speelt nog steeds een belangrijke rol en in de namiddag wordt bij de
haven de vangst van de dag in het bijzijn van talloze toeristen geveild.

Na een tijdje landinwaarts gelopen te zijn, keer ik terug naar de kust, die ik
bereik bij het Museo Biblioteca, wat eens het paleis van de Conde de Castro
Guimaraes was. Het ligt schitterend aan een inham waar bij vloed de zee wild
naar binnen stroomt. Het werd gebouwd in 1890 toen Cascais bij de toenmalige
Europese jetset zeer en vogue was. De graaf en zijn vrouw stierven kinderloos,
waarna het paleis inclusief zijn verzameling porselein, schilderijen, antieke
meubels, azulejos en waardevolle bibliotheek aan de staat werd nagelaten. Aan
het begin van de inham ligt de vuurtoren. Vlak in de buurt in een park ligt het
Museo do Mar, waar interessante vondsten uit scheepswrakken bekeken kunnen
worden. Aan de kustweg ten westen van Cascais liggen, verspreid over de klippen,
chique herenhuizen van rond de eeuwwisseling; de meeste zijn thans in gebruik
als (min of meer) luxe hotel.
Aan dezelfde weg moet enige kilometers verderop de Boca do Inferno liggen (ook
wel "hellemond"). Dat is een ruig kustgedeelte waar de zee in koven en spleten
van de verweerde rotsen rolt, wat gepaard gaat met een onheilspellend dreunend
geluid. Bij ruwer weer spuiten er spectaculaire fonteinen omhoog, maar daar kan
ik vanwege de kalme zee geen getuige van zijn. Jammer genoeg heeft men van deze
natuurattractie een commerciële kermis gemaakt, inclusief souvenirmarkt, cafés
en restaurants. Hele busladingen Engelsen worden er afgeleverd. Op het
uitkijkplatform heb je van drukte echter geen last.
Een half uur later ben ik, met schrijnende voetzolen, weer terug in het
toeristische centrum van Cascais. De vissers hebben hun waar aan de man gebracht
en de toeristen lopen er wat lusteloos rond, want echt veel is er niet te zien.
Ik dool wat rond door de goed onderhouden witte straatjes en eet in een
alternatieve jongerencafé een paar pikante tosti's.
Veel stranden zijn er niet te vinden. Alleen in de kleine inhammetjes ontdek je
wat zanderige kuststukjes, meestal geheel omringd door goedkope pensions en
hotelletjes, zodat je er vanaf de hoofdstraat echt naar moet zoeken. Wat mij
betreft kan dit gedeelte van het dorp op elke willekeurige plaats rond de
Middellandse Zee liggen. Ik kom vlak bij het station uit en besluit om ook nog
Estoril te gaan bezoekers, want ik heb nog enkele uren daglicht In de haast
vergeet ik ansichtkaarten van het plaatsje te kopen.

REIS 1988
DAG 4 STRANDDAG
Overgeven Diarree - Opstaan
Geld opnemen - Koffiedrinken
Stadsbus - Cais do Sodre - Estoril
Treinreis - Aankomst Lissabon - Metro. |
Slapeloze nacht. Voelde me erg beroerd. Pijnlijke ledematen.
Zeurende pijn in rug. Steken in de knieën, stijve spieren, lichte
verhoging, hoofdpijn. Futloos en gebroken.
Wisselen escudo’s 25.000 in nabijgelegen bank. Duurde lang. “Problem
cheque, mister Joseph!", riep de oude bankbediende me enhtousiast
toe.
In winkelcentrum, erg modern, goed bewaakt door particuliere
surveillancedienst. Eerst afrekenen bij kassa.
Op straat werd iemand met bruut geweld door de politie opgebracht.
Veel bekijks.
Met de trein ondanks beroerdheid naar de mondaine badplaats Estoril
via Cais do Sodre (stationnetje). Regenachtig weer. Onderweg bleek
ik te moeten overstappen. Een oude Portugese visser wees mij daarop. |
 |
Ik wandelde om het casino heen. Koop ansichtkaarten. De plaats ademde een
toeristische sfeer. Mooi aangelegde parken, goed onderhouden en besproeid.
Palmbomen en kapitale villa's en buitenverblijven. Lezen op bank in park; lastig
gevallen door zigeunerinnen met borduurwerk leurend.
Verplaats me daarom maar zuchtend naar het strand; daar waren slechts enkele
tientallen badgasten. Ging op muur liggen zonnen, lezen en crypto’s oplossen.
Scheutje zonneschijn met of en toe een mals regenbuitje er tussendoor. Later
werd het echt killetjes.
Retour naar Lissabon langs de kust. Moe van het niets doen. Aspirientjes
innemen en op bed pension rusten. In de buurt een kleinigheid eten. Vroeg te
bed. Lezen, veel water drinken, veel zweten.

 |