Start Heenreis Teheran Mashad Shiraz Persepolis Kerman Mahan Bam Yazd Isfahan Kashan Qom

Teheran


Ga direct naar de Fotocollage!

Een uur later kunnen we ons hotel Mashhad in de binnenstad betrekken. Het ligt om de hoek van de beruchte Amerikaanse Ambassade die in 1979 / 1980 500 dagen lang door opstandige islamitische studenten bezet is gehouden. De muren rondom de compound zijn nog steeds bedekt met anti -Amerika leuzen ("Down with America, the Great Satan") en schilderingen.  

Nadere kennismaking

In het hotel maak ik verder kennis met de groep. Ik ben een buitenbeentje, want ik ben er als laatste bij gekomen. De anderen hebben zich al lang aan elkaar voorgesteld. Hun kennismaking hebben zij tijdens het vliegen kunnen voortzetten. Ook met de gids maken we nader kennis. Hij heet Mohsen, maar verhaspelt dat al of niet opzettelijk tot Mozes, waarna de halve groep hem de rest van de reis zo zal blijven noemen.  Hij is van mijn leeftijd en spreekt beroerd Engels. Hij plakt losse woordjes aan elkaar, die moeten dan zinnen voorstellen. Zijn uitspraak is afgrijselijk, maar toch weet hij met zijn uitgebreide woordenschat (dat wel) ons voldoende te informeren. Maar later meer over dit schriele manneke met een zware bril op zijn markante haviksneus.

Een kamer op indeling

Ik heb een kamer op indeling, dat wil zeggen dat ik een kamer met iemand anders van mannelijke kunne moet delen. Mijn kamergenoot is Frans uit Delft, iemand die behoorlijk bereisd is. Hij werkt aan de Universiteit in Rotterdam. Hij vindt alles goed, zo lang ik maar niet op de kamer rook. Daar kan ik best inkomen, dus de rest van de reis heb ik sigaretjes gepaft op balkons, op de gang of in de lounges van de hotels. Gelukkig neemt hij geen aanstoot aan mijn nachtelijke gesnurk. Hij hoort het natuurlijk wel, maar stoort zich er niet aan. Onze kamer is werkelijk van enorme afmetingen, een echte suite. Naast aparte slaap- en zitkamer hebben we ook nog de beschikking voer een hal, een balkon, een kleedruimte, een badkamer en een keukentje. We maken nog een praatje voor we ons om half twee  op de steenharde matrassen te ruste leggen.

Ma 22 / 12 / 2003

Fenomenaal uitzicht op gebergte

Om half acht staan we op. Ik heb met Frans afgesproken dat ik steeds als eerste ga douchen, dat ben ik al gewend als ik met mijn broer Clim op reis ben. Frans kan dan nog een kwartiertje langer doorslapen. Op de bovenste verdieping ligt het restaurant, dat een schitterend uitzicht biedt op het Elbroz gebergte ten noorden van de miljoenenstad Teheran. Jammer genoeg vergeet ik een foto te maken. Het ontbijt stelt doorgaans niet veel voor in dit land, maar hier krijgen we in ieder geval een gebakken eitje voorgeschoteld. De koffie komt uit een Nescafé zakje, nu niet direct mijn favoriete merk. Als je die niet lust kun je beter thee drinken, die wordt hier net als in tientallen andere landen “chai” genoemd. Na het ontbijt wordt in de lobby van het hotel druk geld gewisseld. Om negen uur stappen we in de bus voor onze eerste excursie.

We bezoeken de volgende bezienswaardigheden, voornamelijk in de binnenstad van Teheran:

De Golestan paleizen en tuinen

De paleizen liggen in een complex van kunstige tuinen en stammen voor het grootste gedeelte uit de achttiende eeuw. Van buiten zien ze er met hun baksteenbouw niet zo spectaculair uit, maar binnen is een en al pracht en praal. Veel mozaďek- en geglazuurd tegelwerk, glas en spiegels, marmer, lapis lazuli en miniaturen. Interessant is de indrukwekkende marmeren troon in de Iwan Takht e Marmar (de naam zegt het al). Voor de open veranda’s hangen dikke doeken van zeil om zon en stof buiten te houden. De troon is in 1801 samengesteld uit 65 stukken albast en was bedoeld voor een sjah die er wel 200 vrouwen op na hield, bij wie hij 170 nakomelingen verwekte. Over een groot gezin gesproken. We bezoeken er niet alle paleizen (er liggen er vier hier, waarvan enkele tot museum zijn omgevormd). Het andere paleis dat we bezoeken heeft twee torens die als minaret niet echt geslaagd genoemd kunnen worden. Het zijn dan ook windtorens die als een soort air conditioning fungeren in de zomermaanden. Ze dienden ook als uitzichtplatform. Ze horen bij het Shams al Emarat – paleis, dat een mix is van Perzische en Europese architectonische stijlen; de eerste overheerst met zijn kalligrafie, spiegeltjes, gekleurd glas en tegelwerk. Hier staan bij elkaar ook de giften die de sjah’s in vorige eeuwen van de Europese vorsten ontvingen.

De Bazaar

Deze typisch oosterse markt is niets nieuws voor mij, ik heb er al genoeg tijdens mijn reizen gezien. De groep verspreidt zich, ik ga mijns weegs. De winkeltjes hebben er hetzelfde te bieden als overal in het Midden – Oosten en zijn op dezelfde wijze geordend: ambacht bij ambacht zodat je de onderlinge prijzen en producten goed kunt vergelijken. Even verdwaal ik in het uitgestrekte labyrint, maar al spoedig kom ik op mijn uitgangspunt terug. Ik werp een blik in de mooie Imam Khomeini – moskee, maar door tijdgebrek ga ik er niet naar binnen. Weer buiten drink ik thee aan een straatstalletje. Ik trappel wat de straat op en af, want het is waterkoud.

Razend verkeer

Ondertussen bekijk ik het bijzonder hectische verkeer hier. Omdat Iran een olieproducerend land is en de benzine dus erg goedkoop is (minder dan vijf eurocent per liter) rijdt er heel wat gemotoriseerd verkeer rond. De meeste auto’s zijn oud, ook die van eigen fabrikaat, een licentiewagen van Renault (meen ik). Voetgangers zijn hier vogelvrij, dat heb ik al eerder op de dag gemerkt als ik nietsvermoedend zebrapaden oversteek. Links en rechts rijden de auto’s me luid toeterend voorbij alsof ik de verkeerszondaar ben en niet zij. Een paar keer word ik bijna van de sokken gereden, alleen met een noodsprong kan ik me redden.

Lunch in het luxueuze Ferdozi Restaurant

We gebruiken er een buffet en beperken ons alleen tot de zogenaamde “starters”. Prachtige eetzaal met veel marmer en rijke Iraniërs. De kelners zijn er uiterst vakbekwaam, ook al spreken ze nauwelijks of geen Engels. Dit schijnt een van de toprestaurants in de stad te zijn, diplomaten en buitenlanders frequenteren de zaak.

De Schatkamer van de sjahs

Het Nationale Museum van Juwelen bevindt zich onder de Centrale Bank van Iran, tegenwoordig de Melli Bank geheten. We komen er te voet. De entreeprijs bedraagt 30.000 rial (ofwel drie briefjes van 10.000, door Mohsen spottend “Khomeini’s” genoemd; de waarde is ongeveer 3 euro); dit is de standaardprijs voor bezienswaardigheden in heel Iran. Alleen in kleinere plaatsen wordt daar wel eens naar beneden toe van afgeweken. De tentoonstelling wordt zwaar bewaakt, begrijpelijk als je ziet welke schatten van onnoemelijke waarde daar opgeslagen liggen. Tassen en fototoestellen moeten dan ook bij de ingang  worden ingeleverd. Ik kijk er echt mijn ogen uit en bewonder vooral de pauwentroon en de kronen en scepters van de diverse sjah’s. Verder vergapen we ons aan de Sea of Light, een ongeslepen diamant van 182 karaat, en de Kiani Kroon. Een schitterende globe is met meer dan 50.000 edelstenen ingelegd; de zeeën bijvoorbeeld zijn er met smaragd aangegeven. Regelmatig worden we opgeschrikt door schelle alarmsignalen, in werking gezet door schoolkinderen die (al of niet opzettelijk) de vitrines te dicht benaderen of zelfs aanraken.

(Klik op een miniatuur voor een vergroting!)

Bloedige onderdrukking onder sjah

Tot slot maken we een rondrit door Noord - Teheran waar comfortabele duurdere woonwijken met villa’s aan de voet van de bergen liggen. We rijden er langs de beruchte Evin - gevangenis van de Savak, de geheime politie van de sjah die van martelen een soort nationale sport maakte. (De huidige religieuze politie schijnt niet veel voor hun onder te doen.) Onze gids Mohsen heeft als jonge communist onder het regime van de sjah in een soortgelijke gevangenis twee jaar moeten opknappen. Hij werd er twee dagen lang aan zijn armen opgehangen, waarna hij alles bekende wat zijn folteraars maar ook wilde weten, of het nu waar was of niet. Na een bezoek aan de Sovjet – Unie is hij van zijn geloof gevallen, hoewel hij er nog steeds socialistische ideeën op na houdt. Behalve met het begeleiden van een incidentele tour verdient hij de kost met het schilderen van miniatuurtjes en het beheren van een boekenwinkel. Op de laatste dag van onze reis beloven we hem zijn shop met een bezoek te vereren. Om half zes bereiken we ons hotel, de avond is inmiddels ingevallen.

Slecht verlichte straten

Die avond ga ik alleen de stad in. Ik ben op zoek naar een restaurant, maar valt dat even tegen. Normaal gesproken struikel je in wereldsteden van enig formaat over de eettentjes, maar hier ontbreken die totaal ofwel zijn ze wel erg goed verstopt. Uiteindelijk beland ik in een sober kebabtentje waar ik sjasliek met brood kan bestellen. Op de terugweg door de slecht verlichte straten verzwik ik mijn enkel in een gat in het trottoir. Ik slaak een kreet, meer van verrassing dan van pijn, en val op de grond. Enkele mannen schieten toe om hulp te bieden, maar dat is niet nodig; zo erg is het ook al weer niet. De rest van de reis zal ik regelmatig last van deze blessure ondervinden.

Di  23 / 12 / 2003

We staan om half acht op en vertrekken om negen uur voor een excursie naar de Musea. In de bus passen de vrouwelijke reisgenoten chadors die gids Mohsen voor hen aangeschaft heeft. Ze moeten die morgen gaan gebruiken in de heilige stad Mashhad, waar vrouwen verplicht versluierd dienen te gaan.

Nationaal Museum van Iran

Als eerste bezoeken we het Archeologisch Museum, gebouwd door een Fransman. In de reishandboeken wordt dit museum hoog geprezen, maar in werkelijkheid valt het me een beetje tegen. Zo veel staat er niet geëxposeerd, soms staan er zelfs geen Engelse teksten bij. Veel van de voorwerpen uit de oude culturen heb ik al eens op foto’s gezien, maar in het echt zien ze er veel minder indrukwekkend uit. Enkele hoogtepunten: beelden, friezen en reliëfs uit Persepolis, een kapiteel in de vorm van een stierenkop, een gebeeldhouwde trap, kostbaar aardewerk uit Sous. Opmerkelijk is een lichaam van een man dat 1500 jaar geleden door het zout in de woestijn gemummificeerd is. Hij zou daar in een mijn gewerkt hebben. We worden er omringd door groepen schoolkinderen, waarvan vooral de meisjes opvallen door hun zwarte, vormeloze outfit. 

(Klik op een miniatuur voor een vergroting!)

Museum Islamitische Periode

Dit ligt naast het vorige museum. Veel gekalligrafeerde manuscripten hier; verder kleding, houtsnijwerk (mooie deuren), beeldhouwwerk en miniaturen. Ik blijf er niet te lang, want buiten is het mooi zonnig, open weer. Ik maak een korte wandeling door een bazaar waar allerlei technische apparatuur zoals lasapparaten verkocht wordt. Geen toeristen hier en dat verbaast me niks.

Azadi Monument

Na deze korte ochtendlijke excursie stappen we in de bus en verlaten we de hoofdstad. Onderweg naar het vliegveld komen we langs het bekende Azadi (=Vrijheid) Monument. Dat is een enorme constructie in de vorm van een omgekeerde Y die er in 1971 neergepoot is om de 2500-ste verjaardag van het grote Perzische rijk te vieren: u weet wel, dat van de legendarische namen Xerxes, Darius en Cyrus. Het toch wel sierlijke gebouw is 45 meter hoog; in de top is een museumpje en een restaurant.

 


     FOTOCOLLAGE    

(Klik op een miniatuur voor een vergroting!)

Vorige Start Volgende


    Omhoog    

Start Route Reis Rosetta Links Foto's