|
|
MANILLANaar Manilla Fotocollage / Naar Jeepney Fotocollage
Maandag 16-02-2009In de Filippijnse hoofdstad worden we opgevangen door een vertegenwoordiger van Ansell Travel, de organisatie waaraan Kras het Pinoy (= populaire afkorting van Filippijns) gedeelte van de reis uitbesteed heeft. Hij zorgt voor vervoer naar het vijfsterren Heritage Hotel. Daar komen we om 12 uur ‘s middags aan, het is dan al maandag geworden. Ik moet nog een uurtje of zo wachten op mijn tweepersoons smoking room. Die kamer blijkt piekfijn in orde; aan alles is gedacht. De minibar staat overvol met miniflesjes sterke drank. Ik rust even uit voor ik het luxehotel verken en enige tijd aan de waterkant bij het zwembad met cola en dure koffie (3 euro) vertoef. Daarna maak ik een wandeling in de omgeving van het hotel. Het ligt op een drukke kruising van twee hoofdwegen in de stad: de rondweg EDSA en de Roxas Boulevard langs de Manilla Baai die helemaal naar het noorden voert. Niet echt centraal gelegen dus, maar wel vlakbij de vliegvelden, dat is wel handig. De stad is luidruchtig, het verkeer chaotisch, vooral door het ontbreken van stoplichten en steeds van rijbaan wisselende jeepneys. Ik blijf een half uur lang tot zonsondergang (hier kwart over zes) gefascineerd toekijken hoe men zich redt bij een kruispunt waar drie zesbaanswegen zonder enig verkeerslicht bij elkaar komen. Hier geldt het recht van de sterkste, dat blijkt overduidelijk.
Het weer is zonnig, zo rond de dertig graden. Al gauw raak ik bezweet. De stad stinkt en maakt een smerige en vervuilde indruk, zeker als je de kleinere straten en stegen met hun open riolen inloopt. Op de grote doorgaande wegen met het jagende verkeer is de voetganger niet in tel. Slechts om de 500 meter kun je via een loopbrug oversteken. Zebrapaden heb ik hier in de buitenwijken nergens kunnen ontdekken. In het echte centrum zijn die zaken gelukkig beter geregeld. Daar stopt men zelfs gehoorzaam voor de rode stoplichten, waarna de venters met flessen mineraalwater en waardeloos spul de wachtende auto’s bestormen.
Slide show van Manilla Ik eet spotgoedkoop een kom soep, vis met pandang rijst en groente en een blikje fris bij een vestiging van de keten Roasters van de countryzanger Kenny Rogers (een soort alternatieve McDonalds): ik moet omgerekend nog geen vier euro afrekenen. De bediening is heel vriendelijk, de jongelui spreken uitstekend Engels met Amerikaans accent. Dat doen ze hier overal, zo zal nog blijken. De Amerikaanse zendelingen en de Belgische Witte Paters hebben wat dit betreft goed werk geleverd. Ook hun bekeringsresultaat mag er zijn: meer dan 90% van de bevolking belijdt er het christelijk geloof. De laatste decennia winnen met name protestantse sekten veel terrein.
De rest van de avond breng ik door op mijn ruime kamer. Veel tv kijken, meer dan 60 zenders zijn beschikbaar, waaronder twee kanalen die non-stop basketball - wedstrijden (vooral van de NBA) tonen. Ik stem regelmatig af op BBC World of DWTV, ofwel de Deutsche Welle, die beurtelings anderhalf uur lang in het Duits of in het Engels uitzendt. Zo blijf ik ook op de hoogte van Europees nieuws.
| |||||||||||||||||||||||||||||||
|
Intramuros (Manilla, de Filipijnen) De oudste wijk
in Manilla ontstond ten tijde van de Intramuros was ruim drie eeuwen lang het centrum van het Spaanse bewind op de Filippijnen. Het complex bestond uit huizen, kerken en scholen, omringd door een stelsel van vestingwerken. De stadsnaam is afgeleid van het Latijnse intro muros,'binnen de muren'. Intramuros neemt een strategisch belangrijke positie in aan de rivier de Pasig en Manilabaai. Vóór de Spaanse heerschappij vormde de stad een machtscentrum voor zowel inheemse stamhoofden als Maleisische moslims. In 1570 arriveerden de Spanjaarden in de Manillabaai en na een jaar van oorlogvoering sloot men vrede met de autochtone heersers. De Spaanse gouverneur-generaal, Lopez de Legazpi, riep de stad uit tot het Spaanse bestuurscentrum van de eilanden. De muren, vanaf 1573 gebouwd en gebaseerd op de constructie van een middeleeuws kasteel, besloegen 64 ha en waren 8 meter dik en 22 meter hoog. In het complex bevonden zich veel belangrijke gebouwen, waaronder het gouverneurspaleis, de Manila-kathedraal en enkele religieuze scholen en universiteiten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende Intramuros als basis van de Japanse bezettingsmacht. Bij de Slag om Manilla (1945) werd Intramuros bijna geheel verwoest. Binnen de muren bleef alleen de San-Agustinkerk (gebouwd in 1587-1606) behouden. Ook een van de hoofdforten langs de muren, Fort Santiago (opgericht in 1571), bleef bewaard en is nu een museum. Er staat ook een schrijn voor Jose Rizal, de Filippijnse nationalistische held, die voor zijn executie in het fort gevangen zat. In de jaren ‘80 van de vorige eeuw werd Intramuros gerestaureerd en het blijft redelijk gevrijwaard van de modernisering in de rest van de stad. In tegenstelling tot het merendeel van Manilla behoudt Intramuros stijlaspecten uit de Spaanse tijd. Ondanks de snelle veranderingen in Manilla en de rest van de natie houdt Intramuros stand als erfstuk van de Spaanse heerschappij op de Filippijnen.
|
Vervolgens rijden we door het waanzinnige verkeer naar het noorden om de Chinese Begraafplaats te bezoeken. Die is echt overweldigend! De rijkere Chinezen, vaak uit strategische overwegingen tot het christendom bekeerd, hebben hier monumentale mausolea voor zichzelf gebouwd in de vorm van villa’s, herenhuizen en tempels, in allerlei verschillende kunststijlen vormgegeven. Sommige ervan kunnen zelfs beschikken over badkamers en airconditioning! Heel indrukwekkend allemaal, deze dodenstad met zijn marmeren paleisjes (zie hieronder)
![]() |
![]() |
![]() |
Tenslotte bezoeken we de moderne wijk Makati waar het zakencentrum gevestigd is. Makati met zijn vele wolkenkrabbers was vroeger een moerasgebied waar een vliegveldje lag. De voormalige start– en landingsbaan is nu de hoofdader (Ayala Avenue) van dit nijvere business centre. Het onderscheidt zich in uiterlijk weinig van alle hoogbouw die in andere steden van de Pacific Rim te bewonderen valt, zoals in Vancouver, Melbourne en Sydney. Geen sloebers hier, maar goed geklede kantoormensen, bij Starbucks koffie slurpende yuppies (vaak westerlingen) en arrogante dames van betere stand die met hun dagelijkse inkopen bezig zijn. De luxueuze shopping malls bieden alles wat hun hartje begeert. Het is niet verbazingwekkend dat zich hier de hoofdkantoren van de vlieg– en verzekeringsmaatschappijen en banken bevinden, evenals de ambassades van de rijkere landen.
![]() |
![]() |
De excursie loopt ten einde en op ons verzoek zet Manuel ons af bij de Mall
of Asia, een van de grootste in zijn soort en spiksplinternieuw. Dit immense
winkelcentrum doet me denken aan zijn nog grotere broer in het Canadese Edmonton.
Ik verblijf er de rest van de middag, sterke koffie drinkend en alle hoeken en
gaten verkennend van dit complex dat aan de baai gelegen is. Het is zo nieuw dat
het niet eens is opgenomen op de meeste toeristische kaarten. De Mall bevat
naast honderden winkeltjes, boetieks, restaurants ook enkele banken,
supermarkten, warenhuizen en bioscopen (o.a. een IMAX), een skate rink, een
hotel en een food court met tientallen in exotische lekkernijen gespecialiseerde
eetstalletjes. Ik kan er geen weerstand bieden aan de gebakken vis met knoflook
en peperrijst. Ik koop hier ook een Amerikaanse thriller van Joseph Wambaugh.
Een minpunt is dat je steeds weer opnieuw gefouilleerd wordt en je tas
ondersteboven wordt gekeerd als je een grotere winkel of dependance van de Mall
binnentreedt. Als vrijheidslievende Nederlander kan ik daar maar niet aan
wennen. Tegen zonsondergang loop ik op mijn gemak terug naar mijn hotel.
Woensdag 18-02-2009
Vandaag geen plichtplegingen met anderen, wat betekent dat ik geheel de vrijheid heb om mijn eigen plan te trekken. Ik besluit per taxi op eigen houtje de stad nader te exploreren. Allereerst begeef ik me opnieuw naar Intramuros om de koloniale Spaanse erfenis op mijn gemak te bekijken. De taxirit duurde twintig minuten en is verrassend goedkoop: nog geen twee euro. Je moet wel steeds wijzen op het gebruik van de meter, wat overigens geen enkele keer een probleem oplevert. Een van de chauffeurs (zij spreken allemaal goed Engels) geeft te kennen dat ”Using the meter is my policy. No arguing any more!”.
HET MEEST GEDRONKEN BIER DOET DENKEN AAN DE SPAANSE OVERHEERSER: SAN MIGUEL!
Allereerst bekijk ik aan de Plaza Roma de kathedraal die in mijn ogen te duister
is. Wel mooie glas-in-lood ramen (de meeste zijn 1943 door de Japanners
weggebombardeerd door zgn. “carpet bombing”) en een expositie over historie en
vormen van basilieken. De kerk herbergt het grootste orgel van Azië, van
Nederlandse makelij en 4500 pijpen rijk. Verderop ligt het Generaliteitsgebouw
en het stadhuis in Spaanse stijl met een beeld van Filips de Tweede, zoon van
Karel de Vijfde, vijand van onze jonge republiek der Zeven Provinciën en naamgever
van dit eilandenrijk. Opvallend is het Casa Manila, een woonhuis in koloniale
stijl, en een aantal uitgestrekte Colleges en seminaries. Daar bevindt zich nu
de studentenwijk met een oude universiteit en ook heel ouderwetse dormitories,
ofwel studentenflats. Ik maak een wandeling langs de behouden
gebleven stadsmuren en duik af en toe een poort in om de andere kant te
bekijken. Daar raast het waanzinnige verkeer voorbij. In de binnenstad hangt een
relaxte sfeer, niet verwonderlijk met zoveel jonge, moderne studenten die de
straten bevolken. De gebouwen zijn netjes onderhouden en de straten zijn schoon.
Slechts in enkele vergeten steegjes ruikt het naar de middeleeuwen, voor de
vervallen krotten staren de haveloze bewoners me zwijgend, maar niet echt
vijandig aan. Hier zijn ze geen vreemdelingen gewend: de stadsgidsen zullen deze
plek ongetwijfeld mijden als de pest.
SAN AUGUSTIN BASILIEK (Unesco) |
|
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Rondom de Muralles, stadsmuren, lag ooit een brede gracht die nu gedempt is. De
krottenwijken zijn hier verwijderd en het terrein is nu herschapen tot een
exclusief, immer groen golfdomein. Ik rust er uit op een beschaduwd bankje, maar
wordt door een oplettende wachter vriendelijk maar beslist weggejaagd. Per slot
van rekening ben ik geen lid van de club, noch een introducé. (De volgende dag
lees ik in een plaatselijk blad dat die nacht een bewaker van het golfterrein
doodgestoken is. Ik vroeg me toen natuurlijk direct af of het misschien
diezelfde kerel is die me van het terrein verwijderde.) Gelukkig is er nog een
sfeervol parkje overgebleven waar je wel ongestoord kunt relaxen tussen het
welige groen en de oude stenen. Ik wandel er rond tussen de verliefde pubers,
het is inderdaad een waar lusthof!
| Niet veel verder begint het Rizal Park. Daar bezoek ik de Japanse Tuin (ik ben er de enig gast) en de Chinese Tuin (iets drukker). Er is ook een Planetarium en de Nationale Bibliotheek. Een oudere heer met een doorleefd gezicht spreekt me in het Engels aan. Binnen een minuut heeft hij als zijn paspoort te voorschijn gehaald om zich voor te stellen, zijn naam is Rodrigues; hij spreekt als afstammeling van de voormalige bezetter nog een beetje Spaans. Hij is leraar aan een verpleegsteropleiding in Mindanao en wil graag alles over Nederland weten. Ik ben een poosje vriendelijk tegen hem, maar na enige tijd ben ik zijn gezelschap beu en wil ik toch alleen verder. Dat heeft hij in de gaten. “Well, sir, I don’t want to disturb you any longer. Thank you and so long!” En hij verdwijnt schielijk tussen de waterpartijen. |
OVERSTEKEN IN DE METROPOOL MANILLA:
|
Ikzelf bekijk dan nog tegen betaling (weer de enige bezoeker) de beeldentuin waarin
met meer dan levensgrote beelden momenten uit het leven van de heldhaftige
vrijheidsstrijder Rizal worden uitgebeeld. Hoogtepunt vormt zijn executie door
een vuurpeloton. Vlakbij ligt verder nog het Rizal Monument met een obelisk en
een erewacht in de zon te blakeren. Tegenover het park ligt weer een nog
nieuwere mall, nog voor een gedeelte in aanbouw, het Ocean View Park. Daar drink
ik weer eens goede, sterke koffie bij Starbucks. Ook hier weer een IMAX, een
Oceanarium en zo, maar de meeste winkelruimtes zijn nog niet verhuurd en staan
leeg.

Ik hou een taxi aan en laat me naar de wolkenkrabbers van Makati brengen. De chauffeur is bijzonder vriendelijk en spraakzaam. Ik zwerf twee uur rond tussen de kolossen van marmer, glas en staal die als kathedralen de hoogte in rijzen.
| Elke zakentoren heeft zijn eigen etage met winkeltjes en restaurantjes voor het kantoorpersoneel. Ik drink er wat fris. Op de binnenplaatsen drommen groepjes rokers samen, ze gedragen zich hier als samenzweerders die angstvallig de schaduw opzoeken. Ook hier weer bij elke ingang bewapende guards; het lijkt hier wel een bezette stad in oorlogstijd. Ik rook een sigaret bij een spiegelgladde water-oppervlakte waar regelmatig een spel van fonteinen uit te voorschijn komt, het ligt onder de arcaden van de National Stock Exchange, waar ik ook een kijkje neem. Ik bekijk de koopwaar van het Landmark warenhuis (dure exclusieve spullen; wie kan dit hier betalen?) en een van de oudere, maar wel chiquere winkelcentrum, de Glorietta Mall. Daar lonkt een food court me weer toe, waar ik me aan allerlei lekkers tegoed doe. Een derde taxi brengt me tenslotte terug naar mijn hotel waar ik zo rond zes uur aankom. Ik pak mijn tassen al vast in voor de volgende morgen, want dan vertrekken we naar Banaue in de Cordillera Central van Luzon, het grootste eiland van de archipel. |
|
![]() |
![]() |
|
MAKATI - WIJK |