S. PEDRO ATACAM

HEENREIS SANTIAGO LA SERENA ANTOFAGASTA S. PEDRO ATACAM ARICA
Start Foto's bergen Foto's La Serena Foto's Santiago Foto's Torentjes Weer + klimaat


SAN PEDRO DE ATACAMA

MEER INFO ATACAMA - WOESTIJN

Grote kopermijn

Om half acht op. Inpakken en wegwezen na het inbegrepen traditionele ontbijt. De bus naar Calama vertrekt om 9 uur. Het wordt een saaie rit door bruine vlaktes en grijze heuvels. Alleen in de schaarse rivierdalen is begroeiing aanwezig. Tegen 12 uur bereiken we het industriestadje Calama, 100.000 inwoners telt deze oase. Ze leven voornamelijk van ’s werelds grootste kopermijn die zich 10 km ten noorden van de stad bevindt. Er wordt daar aan dagbouw gedaan en het gat in de grond  is inmiddels het grootste van de wereld (zegt men). De gebruikte graafmachines en transportwagens zijn van gigantische afmetingen.

   

Brutale taxichauffeur

Als we uit de bus stappen begint een brutale taxichauffeur alvast ongevraagd met onze tassen te sjouwen. Clim reageert hierop furieus, het loopt bijna op een handgemeen uit. We installeren ons tegenover het station, waarna Jos op onderzoek uitgaat. Bij toeval ontdekt hij een agentschap waar ze om half een naar San Pedro vertrekken, maar dan wel vanuit een heel ander punt in de stad. We springen gehaast in een taxi, maar we zijn nog ruimschoots op tijd om die halfvolle bus te halen. De rit die volgt duurt nauwelijks anderhalf uur. Zeker het tweede gedeelte is landschappelijk erg de moeite waard door de grillige vormen van het kleurrijke rotsformaties. Voor ons ligt de woestijn met in de verte de met sneeuw bedekte toppen van de cordillera die steeds dichterbij komen. De weg is nieuw en kaarsrecht, wat de chauffeur uitnodigt tot lekker scheuren.

Rugzaktoeristen

Even na tweeën komen we in het oasestadje San Pedro de Atacama aan. We eten rijst met schapenvlees bij een stalletje voor we op zoek gaan naar een hostal. Bij aankomst hebben we direct al in de gaten dat het hier een eldorado voor rugzaktoeristen is. Overal zie je die backpackers rondlopen met de obligate fles water in de linkerhand en de dikke pil van de Travel Survival Kit van Lonely Planet angstvallig in de rechterhand gedrukt. We beginnen langzamerhand van dit volk (waaronder veel vrouwen en Nederlanders) te balen. Ze willen overal voor een dubbeltje op de eerste rij zitten  en hebben alleen maar oog voor elkaar. Zij beschouwen ons als watjes, want we dragen geen rugzak maar een gewone burgerlijke reistas en we slapen in “dure“ middenklassenhotels. (Maar wel met warm water, zachte bedden en zonder luizen en lawaai.) Waren wij zelf vroeger ook zo? Wie weet....

Zelfs aan de rand van deze woestijnoase verrijzen slopenwijkjes. De bewoners willen van de toeristen-"boom" profiteren. Helaas is er te weinig water voor die aanwas. Clim kijkt naar de vulkaan, waarachter Bolivia begint.

San Pedro de Atacama ligt midden in een gebied van natuurfenomenen. Valle de la Luna is een van de excursie’s in de omgeving die u kunt maken. Dit is een gebied vlakbij San Pedro waar u versteld zult staan van absurde rotsformatie’s, die gevormd zijn door de erosie van de zoutbergen. Vooral rond zonsondergang krijgen de vormen en kleuren hier een bijna onwerkelijk karakter.

Andere hoogtepunten in de omgeving zijn de Tatio-geisers (die u het best vroeg in de ochtend kunt bezoeken) en het pre-Inca fort Pukara de Quitor.

Bescheiden hostal

We lopen het dorp in en zoeken naar het hostal Supay dat we hebben geselecteerd. Niet te vinden. Klopt het kaartje wel? Al gauw blijkt ook hier een naamsverandering plaats te hebben gevonden. Het hostal is omgedoopt tot Porvenir (De Toekomst). We worden door een beleefde en heel bescheiden mevrouw ontvangen en krijgen een eenvoudige, maar gelukkig schone kamer toegewezen. Het is echt  niet veel soeps, nog geen spijker aan de muur om je kleren aan op te hangen, maar per slot van rekening zitten we hier in de woestijn, dus geen gezeur.

Eerste verkenning

Nog voor het donker invalt verkennen we een gedeelte van het dorp. We zitten niet ver van de grens met Bolivia af, er is zelfs een douanepost in het dorp aanwezig. Hier al? Net buiten het dorp ligt de begraafplaats met heel karakteristieke graven en veel wit gesauste kruisbeelden.  We drinken ‘naranja’ bij een oud vrouwtje in haar bescheiden stulp. 

We bezoeken de lokale Indianenkerk, heel sober ingericht en bijzonder amateuristisch  uitgevoerd. De volksnijverheid stelt hier zo te zien niet veel voor. We gaan op zoek naar bier, kloppen bij stalletjes aan en lopen winkeltjes binnen, vergeefs. Bier blijkt alleen tegen woekerprijzen in restaurants te koop te zijn. Daar zijn we niet zo kapot van, maar de dorst overwint onze trots en weerstand, dus belanden we in een donker jongerencafé, vol wijsneuzerige toeristes en zich stoer aanstellende, Spaanstalige  machotypes. Would be - hippies, daar komt het op neer. Jos ergert zich hieraan mateloos en wil zo snel mogelijk verkassen. Dat doen we dan ook maar.

Veel dure restaurants

Helaas moeten we ’s avonds toch weer naar zo’n tent toe; uiteindelijk moeten we toch iets binnenkrijgen. We belanden in een restaurant met een kampvuurtje, heel gezellig allemaal, maar ook heel duur. Hoewel we het met spaghetti en dergelijke eenvoudig houden, valt de rekening veel hoger uit dan die van de beste restaurants die we in de grote stad Santiago hebben gehad!

Waterbesparende douche

Op onze kamer willen we ons warm douchen (na zonsondergang wordt het op deze hoogte – 2300 meter – en dorre omgeving heel snel steenkoud), maar dat lukt niet. Onze gastvrouw heeft vergeten de geiser aan te zetten. Dat gebeurt dus alsnog. Daarna gaat alles goed. Het is een douche met een waterbesparend systeem. Je moet steeds weer op een knop drukken om van 20 seconden stromend water verzekerd te zijn. Daarna gaan we aan de whisky (de biervoorraad is op) en kruipen we met de cryptogrammen onder de dikke pakken dekens. Jos voelt zich niet bepaald lekker en gaat vroeg onder zeil. Hij heeft pijn in zijn borstkas en moeite met ademhalen, dus haalt hij maar eens het doosje Saridon te voorschijn. Het ligt volgens hem niet aan de ‘soroche’ (de hoogteziekte), maar is van andere aard. Hij heeft ook bijna niets gegeten.

Schitterende sterrenhemel

Precies om 12 uur middernacht staan we op het platte dak van het hostal. De elektriciteitsvoorziening van het dorp zou dan uit zuinigheidsoverwegingen worden afgesloten, zodat we in de volstrekte duisternis (het is ook nog nieuwe maan) een onbelemmerde  kijk op de fenomenale sterrenhemel van het zuidelijk halfrond zouden hebben. Helaas, de lichten gaan niet uit, waardoor onze blik beperkt blijft. Teleurgesteld keren  we terug naar onze koude kamer. Jos kan niet slapen vanwege de pijn in zijn borst; liggen valt hem zwaar, alleen rechtop in bed zittend is het nog een beetje uit te houden.

Archeologisch Museum

We ontbijten op kosten van de hostal in een café om de hoek dat ’s avonds nogal rumoerig is. We regelen bij het reisbureautje Pachamamma (gerund door een  inheems paar) een excursie naar 'Valle de la Luna' : kosten 2500 peso, ofwel 2 flessen bier. De  prijzen staan in dit plaatsje  in geen enkele verhouding met elkaar. Als hagedissen laten we ons een tijdje opwarmen op een bankje op het Plaza.

We brengen een bezoek aan het Archeologisch Museum, waarbij de inheemse stam van de Atacamenos centraal staat. Heel interessant en educatief om te zien hoe die Indiaanse voorvaders 10.000 jaar geleden al in deze woestenij wisten  te overleven. Een Belgische pater heeft dit museum opgericht, dat is eens iets anders dan zieltjes winnen. Er zijn ook uitgedroogde mummies en veel maquettes te bewonderen.

Typische oasebeelden

Als we het dorp en zijn buitenwijkjes doorwandelen valt ons op hoezeer het hier lijkt op een doorsnee Noord-Afrikaanse oase: heel erg ontoegankelijk met zijn hoge lemen muren die de percelen omsluiten. De weinige mensen die we er tegenkomen lopen allemaal angstvallig in de schaduw. Hier en daar komen de snelstromende irrigatiekanalen aan de oppervlakte. Aan de kraam van gisteren eten we nu gebakken eitjes. Als de zon op zijn hoogste punt staat zoeken we ons koele kamertje weer op.

Grillige zoutformaties

Om half vier staat er een busje gereed om ons naar de Vallei van de Maan te brengen. We zijn met zijn tienen. De Indiaanse chauffeur geeft enkel tekst en uitleg in het Spaans. Eerst doen we een prachtig meertje aan dat temidden van grillige zoutformaties en groteske rotsen is gelegen. Daarna volgt een uitzichtpunt vanwaar we een panoramische blik over de Salar (het zoutmeer) en het dorpje San Pedro  hebben. De volgende stop is een wandeltocht (meer kruip-door, sluip-door werk) in een spelonk en grotten die door weer en wind in de zoutrotsen zijn uitgesleten. Dat heeft wel iets spannends.

Vallei van de Maan

Rond zonsondergang stoppen we in de eigenlijke vallei met bizarre formaties van zoutsteen en bodem met witte uitslag die op sneeuw lijkt. We beklimmen de hoge zandduinen voor een beter uitzicht over de bergen. Clim gaat met het fototoestel tot het eind, terwijl Jos vermoeid op de helft blijft steken. Hij is uitgeput door het klimmen in het fijne, zwarte vulkanische zand, waarin je na elke stap weer een eind terugglijdt. De zon zet de cordillera met zijn blanke toppen in een prachtige, goudgele gloed. Als de duisternis definitief is ingetreden scheurt de chauffeur in volle vaart naar San Pedro terug. Hij kan alle gaten in de weg dromen, dus daar gaat hij behendig omheen. Tegen zevenen zijn we terug.

Jos lijdt pijn

Die avond eten we met tegenzin pizza en empanadas in een lawaaierige tent. We rekenen af met de treurige mevrouw van het hostal en blijven verder op onze kamer, waar we met hete douches de opkomende kilte trachten te verdrijven. Jos krijgt weer veel last van pijn in zijn rechterborst en gaat een slapeloze nacht tegemoet. 
(Na de reis kreeg Jos thuis precies dezelfde symptomen, maar dan erger. Het bleek te gaan om hevige spierontstekingen, die o.a. met pijnstillende middelen zijn bestreden.)

Panne in de woestijn

Even na zeven uur in  de ochtend vertrekken we uit het hostal. We hebben ons niet gedoucht, omdat het te lang duurde voor er warm water is. Bij de stoffige vlakte die als bushalte fungeert wachten we tussen de zwerfhonden af wat komen gaat. Jos koopt 2 tickets (reserveren was  gisteren niet mogelijk) en zowaar, om acht uur verschijnt er een aftandse bus richting Calama. Als die vol zit met vooral ‘indigena’s’ (inheemsen) en een enkele vreemdeling gaat hij op weg. Een uur later worden we opgeschrikt door een forse klap. Iedereen moet de bus uit, want een achterband is totaal aan flarden gereden. Daarbij is ook nog eens een as gebroken: verder rijden is dan ook uitgesloten. We staan midden in de kale woestijn. Gelukkig hebben we voor enkele uren genoeg water bij ons. Tien minuten later zitten we echter al in een andere bus die speciaal voor ons omkeert en terugrijdt naar Calama. Hij is propvol en we moeten dan ook staan. Jos, de viejo (oudje), krijgt vanwege zijn grijze baard van een jonge Indiaanse een zitplaats aangeboden. De hele operatie is zonder paniek, gevloek of gemor verlopen, dat valt ons reuze mee. Het volk hier is nogal berustend ingesteld en gezien de omstandigheden passen we ons daar graag bij aan.

 

Lanterfanten in Calama

In Calama, waar we al om 10 uur zijn, komen we er na lang zoeken achter dat er alleen nachtbussen rijden naar Arica, onze volgende reisdoel. De hele verdere dag lummelen we maar wat rond, hangen lusteloos op de bankjes van het dorpsplein, maken korte wandelingen, eten pizza, drinken koffie. In het stadje is eigenlijk niets te zien, wat ons een verloren dag oplevert. Clim gaat op onderzoek uit om bier te bemachtigen en blijft zo lang weg dat Jos zich zorgen begint te maken. Onverrichterzake keert hij na meer dan een half uur terug, hij heeft de halve stad afgelopen. Ook hier geldt de regel dat alleen restaurants en cafés bier mogen schenken / verkopen. Om negen uur pikken we onze bagage op; deze hebben we bij de busonderneming Pullman Reizen in bewaring gegeven. Een half uur later zijn we op weg naar Arica. De rit zal een kleine 10 uur in beslag nemen en voert ons nog steeds door de Atacama – woestijn. Deze woestijn (naar verluidt de droogste van de wereld) is niet breed, maar wel lang.

 


ONZE  ANDERE  REISVERSLAGEN

ALASKA   / ARGENTINIË   /   AUSTRALIË   /  AVONTUREN  /  BALKANREIS  /  BELGIË  /  BELIZE   /  BULGARIJE  /  CANADA   /   CALIFORNIË   /   CHILI   /   CHINA   /   CUBA   /   CURAÇAO   /   CYPRUS   /   DENEMARKEN   /   DUITSLAND   /  ECUADOR   /   EGYPTE   /   ENGELAND   /  ESTLAND  /  FILIPPIJNEN  /  FINLAND   /  FOTOSITE  /  FRANKRIJK  / GRIEKENLAND  /  GUATEMALA   / HONGARIJE   /  INDIA  /  INDONESIË  /    IRAN  /   ISRAËL  /   ITALIË   /  JORDANIË   /   KRETA   /   KROATIË   /  LETLAND   /   LITOUWEN   /   MADEIRA   /   MALEISIË   /   MALLORCA   /  MALTA  /   MAROKKO   /   MEXICO YUCATAN   /   MEXICO  /  NEPAL   /   NEW YORK   /   NOORWEGEN   / OEKRAÏNE /   OEZBEKISTAN   /  OOSTENRIJK  /   PARAGUAY   /   PERU   /   POLEN   /  PORTUGAL  /   REISFOTO'S   / ROEMENIË   / RUSLAND   /   SCANDINAVIË   /   SICILIË   /   SINGAPORE   /   SLOVENIË   /  SLOWAKIJE SPANJE   /   SRI  LANKA   /   SYRIË   /   THAILAND   /  TSJECHIË   /   TUNESIË   /   TURKIJE   /   UNESCO - SITE   /   URUGUAY   /   USA    /  WERELDERFGOED  / ZUID-AFRIKA  /   ZWEDEN