|
3. RAMBLAS - HAVENRONDVAART
| Flaneerboulevard Om 16.30 uur liep ik de Ramblas af, richting Columbus - monument ofwel de haven.
Naast duizenden wandelaars werd deze wereldberoemde flaneerboulevard bevolkt met
kunstenaars, goochelaars, Tarotwaarzeggers, ballonnen- en lotenverkopers,
bloemenhandelaars, kioskhouders, vogelhandelaars en natuurlijk de
onvermijdelijke toeristen.
Havenrondvaart
Aan de waterkant aangekomen maakte ik een havenrondvaart tot aan het einde van
de pier en terug; niet erg spectaculair, moet ik zeggen. Het was nog aangenaam
warm en dus trok ik mijn jasje uit. Doordat ik niet gerekend had op die stevige
zeebries kwam me dit enkele dagen later toch nog op een bronchitisaanval te
staan. Ook bezocht ik het aan de kade gemeerde namaakschip waarmee Amerika
Columbus ontdekte; de schuit maakte op mij een onzeewaardige, bekrompen indruk.
Ongelooflijk dat die prestatie met zo'n notendopje is geleverd! |
 |
4. AVONDWANDELING - KROEGBEZOEK
Tegen zevenen nuttigde ik ergens een kop koffie (is best te drinken in Spanje)
en een broodje knoflookworst. Ik liep de Parallelo af, dit is een kaarsrechte,
ietwat verlopen boulevard met theaters en bioscopen, gelegen aan de rand van B.'s
rosse buurt, de Barrio Chino. Er was weinig loos. Vergane glorie dus. Klatergoud
en heroïnegebruikers.
Met de metro naar het Nationaal Paleis om nachtopnamen te maken van de alom
geprezen verlichte waterpartijen. Vergeefs, want elke illuminatie ontbrak. Ik at
in die buurt een "plato combinado" voor f 9 die bestond uit worst, hamburger,
kroketten, aardappelen, sla, pittige saus en een glas bier.
| Tussendoor wipte ik snel met de Metro (een onvolprezen vervoermiddel!) mijn
hotel binnen om Clim op te bellen vanuit mijn kamer. Na herhaalde vruchteloze
pogingen die middag lukte het deze keer wel. In een kort gehouden gesprek gaf ik
hem mijn verblijfplaats door.
De rest van de avond bleef ik in de buurt van het hotel, waar opvallend veel "Bierstuben"
lagen met veelzeggende namen als München, Frankfurt en Stuttgart;
onweerstaanbare namen voor mij en natuurlijk onze oosterburen. Tijdens mijn
omzwervingen informeerde ik bij ieder goedkoop ogend hostal of pension of er nog
kamers vrij waren, maar alles bleek bezet. Er zat niets anders op om een dag
extra in dat luxe hotel te blijven zitten.
|
 |

 |