|
Een oosters stempel
Ondanks een westers stadsplan heeft het centrum zijn oorspronkelijke karakter
behouden.
Tirana, of Tirane, ligt op 30 km van de Adriatische kust
in het oostelijke deel van de centrale Albanese vlakte. De hoofd¬tad is omgeven
door bergmassieven, met in het oosten de Dajti als hoogste top. Tirana is de
enige stad van formaat in Albanië, met als centraal punt het Skanderbegplein met
fonteinen, tuinen en monumenten. Het plein ligt in het midden van de brede, met
bomen omzoomde noordzuidas van de Bulevardi Deshmoret e Kombit, de vroegere
Stalinboulevard en de Boulevard der Nationale Martelaren. In 1920 wilde de
Albanese dictator Zog de stad een westers cachet geven en gaf de Italiaanse
stadsarchitect Armando Brasini opdracht het hele centrum te reconstrueren.
Brasini ontwierp, het Skanderbegplein en de Bulevardi Deshmoret e Kombit. De
nieuwe stad, met hoge flatgebouwen, brede straten en ruime pleinen ligt ten
westen van dit grote centrale plein. Ten oosten van het Skanderbegplein ligt de
oude stad met bochtige straatjes – een synthese van bouwstijlen uit heel
Albanië. Dit gerestaureerde stadsdeel heeft een oosters aspect met moskeeën,
bazaars en typische woningen. De bezienswaardigheid van Tirana beperkt zich
overigens tot het Skanderbegplein en de Bulevardi Deshmoret e Kombit. Sinds de
Tweede Wereldoorlog is de agglomeratie verviervoudigd. Naast de handels- en
bestuurswijken is een bescheiden industriegebied ontstaan, waar de
plattelandsbevolking nieuw emplooi hoopt te vinden. Tirana is het bestuurlijke
en het enige industriële centrum van het land.
Een oosterse stadsdeel en een nieuwere westerse stad, deels
gebouwd door de Italianen.
WETENSWAARDIGHEDEN
• Hoofdstad van Albanië /
• Taal: Albanees
• Munteenheid: lek /
• Godsdiensten: Islam, orthodox, katholiek
CIJFERS
Bevolking: 350.000 inwoners / Hoogte: 110 m
Oudheidkundig onderzoek toont aan dat de streek rond Tirana al in het stenen
tijdperk was bevolkt. De stad als zodanig werd in 1614 in een bosachtige streek
gesticht door een machtig heerser, Suleyman Pasja. Hij noemde de stad Teheran,
ter herinnering aan zijn militaire overwinning in Perzië, maar die naam
veranderde geleidelijk in Tirana. In de 18e eeuw werden nieuwe verbindingswegen
aangelegd waardoor de stad zich aanzienlijk uitbreidde. Na de dood van de
heerser Kaplan Pasja in 1816 maakten de Toptani zich meester van Tirana. Tot aan
het begin van de 20e eeuw bleef Tirana een landelijke provinciestad. In 1920
kwam de dictator Zog aan de macht en verplaatste de regeringszetel van de
havenstad Durrës naar Tirana, waardoor de stad zich verder kon ontwikkelen.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het land bezet door het fascistische Italië
van Mussolini en later door de nazi's. Tot in de jaren zestig bestond Tirana uit
het historische deel van de oudste wijken werd afgebroken om plaats to maken
voor een meer Europees aandoend stadsdeel met brede doorgangswegen, grote
openbare gebouwen en appartementen. Onder de communistische dictatuur van Enver
Hoxha werd het stadsbeeld andermaal veranderd. De grote bazaar maakte plaats
voor het Cultuurpaleis en talrijke bombastische monumenten. Aan weerszijden van
de centrale boulevard verrezen standbeelden van Stalin en Lenin. Stalin werd in
1990 van zijn voetstuk gehaald en Lenin verdween in 1991.
KLIMAAT
Mediterraan. Zachte, regenachtige winters.
Gemiddelde temperaturen: januari 7° C; juli 24° C.
BEZIENSWAARDIGHEDEN
Skanderbegplein, moskee Ethem Bey, Cultuurpaleis, hotel Tirana, Nationaal
Historisch Museum, Nationale Bank, het monument Kemal Stafa, Leerlooiersbrug, de
tombe van Kaplan Pasja, de konak van de Toptani, de Kunstgalerij.
BRONNEN VAN INKOMSTEN
Agrarische markt. Productie: voedingsmiddelen, leer, schoenen. Werktuigbouw;
industrie: textiel, chemie, cement, glas, porselein, papier. Thermische
centrale.
Van Teheran tot Tirana
De stad werd in 1614 in het midden van Albanië gesticht en herhaaldelijk
herbouwd.
|